De Europese Unie gaat uitbreiden, en snel ook. Dat is de boodschap van het EU Uitbreidingsrapport, dat de Europese Commissie vorige week presenteerde. Volgens het rapport was 2025 een zeer goed jaar waarin veel kandidaat-landen progressie hebben geboekt. Er is nog genoeg werk aan de winkel, zowel bij kandidaten als de EU, maar eind volgend jaar zou de Unie al een nieuw lid kunnen verwelkomen.
Op dit moment zijn tien landen in de race voor het EU-lidmaatschap. Koploper van het peloton: Montenegro, dat zijn lidmaatschap al kan ruiken en heeft voorgenomen eind 2026 toe te treden. Ook Albanië, Moldavië en Oekraïne staan op de nominatielijst om zich binnen twee á drie jaar bij het Europese gezelschap te voegen. Vooral Oekraïne verdient hiervoor complimenten, zegt Eurocommissaris van uitbreiding Marta Kos, omdat het ondanks de oorlog met Rusland toch in staat is gebleken om hervormingen door te voeren.
Vooruitgang stokt
Maar er vallen niet alleen maar mooie woorden. Zo staat het toetredingsproces van Turkije “al zeven jaar stil” en ook in Servië en Bosnië-Herzegovina stokt de voortgang, net als in Noord-Macedonië dat al EU-kandidaat is sinds 2005. “De kans om tot de EU toe te treden dient zich zelden aan, dus ga er verstandig mee om”, drukt EU-buitenlandchef Kaja Kallas kandidaat-lidstaten dan ook op het hart.
Maar geen enkel land presteerde dit jaar zo slecht als Georgië, dat haar toetredingskansen zag verdampen. Georgië is nog slechts “kandidaat op papier”, oordeelt Kallas. Kos doet dan ook een heel duidelijke oproep aan de Georgische regering: “Stop met het opsluiten van oppositieleiders en het aanvallen van vreedzame protesteerders. Pas dan kunnen we weer praten over uitbreiding”.
Aan de bak
De kandidaat-lidstaten zijn overigens niet de enige die aan de bak moeten om de uitbreidingen te laten slagen. Kallas benadrukt dat ook de EU zijn “huiswerk moet doen”. Daarmee doelt ze op het hoofdpijndossier van de Hongaarse premier Victor Orbán, die met zijn veto pontificaal voor de uitbreidingsplannen ligt. De Unie probeert uit alle macht een oplossing te vinden voor de Hongaarse blokkade, maar dat is niet eenvoudig gebleken. De grote vraag is of de Europese Commissie gaat proberen de toetredingsverdragen aan te passen, waardoor het onmogelijk wordt dat één land de boel blokkeert. Maar het aanpassen van verdragen is een tijdrovend proces dat kan uitlopen op een politiek moeras. Op dit moment worden “de mogelijkheden onderzocht”.
De voordelen voor toetreding zijn volgens de Commissie in ieder geval evident. Ze meldt dat landen die in 2004 toetraden in twintig jaar tijd zagen dat de werkeloosheid halveerde, de levensstandaard verdubbelde en dat de levensverwachting met vier jaar steeg.
Kritiek
Niet iedereen deelt die mening. Vorig jaar kwam er nog scherpe kritiek op de plannen voor EU-uitbreiding. Hoogleraar Antoaneta Dimitrova (Universiteit Leiden) waarschuwde toen dat de Unie zich niet moest verliezen in symboliek en technocratie. Volgens haar bevindt het toetredingsproces zich in een “technisch en ingewikkelde” fase, maar is juist nu politieke richting nodig. “We moeten ons geen illusies maken: het besluit om toetredingsgesprekken met Oekraïne te starten is vooral symbolisch. Als we de onderhandelingen te lang laten voortslepen, zoals bij de Westelijke Balkan, riskeren we frustratie en reputatieschade.”
Dimitrova benadrukte dat de EU niet blind mag varen op de rapporten van de Europese Commissie, die kandidaat-landen vaak als ‘nog niet klaar’ bestempelt. Lidstaten moeten volgens haar zelf bepalen welke waarden en geopolitieke belangen het zwaarst wegen.
Zorgen
Ook bij denktank Clingendael klinkt de discussie genuanceerder dan een jaar geleden. Onderzoeker René Cuperus stelt dat Brussel te veel tegelijk wil: uitbreiding, defensie, vergroening en economisch herstel in een tijd van politieke verdeeldheid.
Zijn collega Wouter Zweers deelt de zorgen over de staat van de EU, maar waarschuwt dat twijfel over toetreding het Europese gezag in Oost-Europa kan ondermijnen. Geen van de kandidaat-landen voldoet volledig aan de criteria, erkent hij, maar het toetredingsproces blijft volgens hem het krachtigste instrument om democratie en stabiliteit te bevorderen. Waar Cuperus liever inzet op veiligheid via de NAVO, ziet Zweers in nauwere EU-integratie juist de sleutel tot duurzame invloed in de regio.
Dit artikel is afkomstig uit de Nieuwsbrief Democratie en Rechtsorde van Brusselse Nieuwe. Wil je meer lezen over de EU-uitbreiding, over de rechtsstaat in Hongarije, Slovenië en Tsjechië, verkiezingen, persvrijheid en de macht van Brussel? Abonneer je dan op de nieuwsbrief, waarin Yves Lacroix je elke twee weken helder bijpraat over de stand van de democratie in Europa, en wat dat betekent voor Nederland.
