Afgelopen week heeft de Europese Unie verdere stappen gezet richting strategische autonomie, door het aanhalen van de betrekkingen met India en met Vietnam. Het akkoord met India geldt als ‘de moeder van alle deals’. De onderhandelingen waren al in 2007 gestart, vervolgens jarenlang in een impasse beland, om in 2022 weer te worden hervat. Het laatste zetje is vast te danken aan de Amerikaanse president Donald Trump. Op goederen uit India legt de VS nu een invoertarief van liefst 50 procent. Dat stimuleert het opzoeken van andere afzetmarkten.
Politieke acceptatie
In 2008 concludeerden onderzoekers van Wageningen Universiteit en Research nog dat India van een vrijhandelsovereenkomst met de EU weinig te winnen, en veel te verliezen zou hebben. Tenzij zo’n akkoord de opstap zou zijn voor een diepere integratie met de EU, mede op basis van gemeenschappelijke regels. Destijds was er nog uitzicht op multilaterale vrijmaking van de handel, in het kader van de zogenoemde Doha-ronde. Nu dat perspectief verdwenen is, komt het aan op bilaterale akkoorden. En de waarde daarvan neemt door het wispelturige beleid van de VS alleen maar toe.
Nu worden voor ruim 95 procent van de onderlinge handel invoertarieven verlaagd of afgeschaft. Vooral India komt met forse tariefverlagingen – om een einde te maken aan extreem hoge tarieven van bijvoorbeeld 110 procent op auto’s. Daarmee krijgt de EU een veel betere toegang tot een markt met liefst 1,4 miljard consumenten. Wel blijft aan beide zijden de bescherming van de landbouw grotendeels intact. Gevoelige producten (zoals rundvlees, suiker, rijst en kip) blijven buiten schot. Dat vergemakkelijkt natuurlijk de politieke acceptatie van het akkoord.
Economische effecten
Onderzoekers van het instituut voor wereldeconomie in Kiel schatten dat de bilaterale handel hierdoor met 41 procent (export van India naar de EU) tot 65 procent (export van de EU naar India) zal toenemen. Wederzijds kan dit leiden tot een welvaartswinst van 0,12 procent van het bbp. Dat lijkt marginaal, maar is het niet, als je bedenkt dat het jaar na jaar om enige tientallen miljarden euro gaat.
Het akkoord leidt ook tot een substantiële handelsverschuiving van China naar India. Zowel India als de EU kunnen door dit akkoord hun afhankelijkheid van China wat verminderen. De veiligheidsdimensie wordt onderstreept in de gezamenlijke strategische agenda. Deze geeft aandacht aan onder meer technologische samenwerking, veiligheid en defensie, en internationale betrekkingen en gemeenschappelijke waarden. Zou de EU India er nog toe kunnen bewegen om – vanwege Oekraïne – minder Russische olie af te nemen?