Nederland springt er in Europa uit als het gaat om branden op militaire oefenterreinen

Elke week kiest de redactie van Brusselse Nieuwe een verdiepend verhaal uit een van onze thematische nieuwsbrieven. Deze keer uit de Nieuwsbrief Veiligheid en Defensie. Militaire oefeningen veroorzaken regelmatig een natuurbrand. Toch moeten we blijven trainen, zegt het ministerie van Defensie.

5 min. leestijd
Brand in Nederland militaire oefeningen defensie.
Premium
Brand. (Foto: iStock).

Vijf bosbranden in één week, allemaal op militair oefenterrein. Toen Nederland de vlammen in onder meer Assen, Weert en op de Oirschotse Heide niet zelf kon bedwingen, klopte het op 30 april aan bij de Europese Commissie voor hulp. Nog diezelfde avond vertrokken Franse eenheden richting Nederland; de volgende ochtend sloot ook de Duitse brandweer aan. In totaal verbrandde tussen 29 april en 2 mei 785 hectare natuur.

Goed, het is te eenvoudig om de schuld van de branden enkel op Defensie af te schuiven. Dit voorjaar is voor Nederlandse begrippen bijzonder droog. Dat de branden op de militaire terreinen zijn uitgebroken, hoeft niet per definitie te betekenen dat de springstoffen van de krijgsmacht de boosdoener zijn. Een hete uitlaat kan de hei ook in de hens zetten. Toch veroorzaakte een oefening – zo blijkt uit onderzoek van de Koninklijke Marechaussee – wel degelijk de brand bij ’t Harde. Nederland lijkt in Europa een buitenbeentje: nergens anders komen branden op militaire oefenterreinen zo regelmatig voor. Klopt dat beeld?

Onbekende oorzaak

Vergeleken met andere delen van de wereld, zoals in Afrika, is Europa geen gigantische brandhaard. Toch gaat nog steeds veel natuur in vlammen op, zo blijkt uit het Europese bosbrandinfromatiesysteem EFFIS. De verbrande 419.290 hectare in 2024 viel relatief mee: in de droge zomer van 2022 verbrandde het dubbele. Dit voorjaar lijkt de Nederlandse droogterecords opnieuw te verbreken. Tot nu toe zijn er dit jaar zo’n 300 natuurbrandmeldingen geweest in Nederland. Van januari tot en met april zijn er 868 Europese branden gemeld; dat waren er een jaar eerder nog 763.  

Uit de meest recente jaarverslagen van EFFIS blijkt dat het merendeel van de Europese branden ontstaan door toedoen van de mens. In een enkel geval steekt de bliksem het vuurtje aan, maar gloeiende sigarettenpeuken, een slordig achtergelaten barbecue of een onverlaat met een aansteker zijn waarschijnlijkere startpunten. In Nederland wordt de precieze oorzaak niet systematisch bijgehouden. Uit cijfers van het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) blijkt dat in 2025 ongeveer één op de zeven natuurbranden op militair terrein plaatsvond. 

Andere landen

Zo ook in België. In het militair domein Kamp Beverlo in Leopoldsburg, zo’n twintig kilometer van de Nederlandse grens, ging ongeveer twintig hectare natuur in vlammen op. De Belgische Defensie schaalde het brandgevaar in alle noordelijke kampen op naar code rood. De aanwezigheid van munitie op het oefenterrein maakt het extra lastig om het vuur te doven: de brandweerwagens kunnen niet zomaar het terrein oprijden. Ook in Duitsland, Slowakije, Slovenië, Polen en het Verenigd Koninkrijk hebben defensie-oefeningen natuurbranden veroorzaakt.

Militaire branden zijn dus geen uitsluitend Nederlands fenomeen. Toch is Nederland het enige land dat in EFFIS-jaarverslagen structureel militaire oefenterreinen noemt als oorzaak. Jaar na jaar keren daarbij satellietbeelden van het militaire domein ’t Harde terug. In 2023 ontstonden in Nederland 56 natuurbranden door wapens bij schietoefeningen, zo blijkt uit cijfers van het NIPV.

Het ministerie van Defensie blijft bij zijn standpunt dat oefenen essentieel is voor de krijgsmacht, maar heeft het protocol voor de oefeningen wel tijdelijk aangescherpt. Het houdt de procedures nu tegen het licht en presenteert voor de zomer verbetervoorstellen. Tot die tijd wordt er op militair oefenterrein geen gebruik gemaakt van open vuur of munitie in de natuur tijdens droogte. 

Weerbaarheid

De Portugese afdeling van Avincis, aanbieder van brandbestrijding en medische diensten, waarschuwde in maart dit jaar al dat Europa onvoldoende voorbereid is om de groeiende hoeveelheid natuurbranden tegen te gaan. Er zijn te weinig middelen en vakmensen om het vuur te bestrijden, terwijl door klimaatverandering, een krimpende plattelandsbevolking en meer brandbare stoffen de risico’s alleen maar toenemen.

Ook het ministerie onderschrijft het Portugese standpunt. “De uitdagingen van de brandweer worden steeds complexer”, schrijft een woordvoerder van het ministerie van Justitie en Veiligheid. “In het najaar wordt op basis van een landelijke risicoanalyse die we nu maken gezamenlijk met de besturen van de Veiligheidsregio’s afgestemd welke risico’s we accepteren en op welke punten eventueel verandering of versterking nodig is.” 

Vergeleken met de stelsels van België, Duitsland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Zweden presteert de Nederlandse brandweer gemiddeld. Niet bijzonder goed, maar ook niet ondermaats. Wel werkt slechts een heel klein deel van onze beroepsbevolking in deze sector. Vrijwilligers zijn daarom essentieel voor de blustroepen.

RescEU

De zware natuurbrandseizoenen zijn ook de Europese Commissie niet ontgaan. Eind maart presenteerde de Commissie daarom een strategie om natuurbranden in de toekomst te voorkomen en beter te controleren. Zo pleit de Commissie ervoor om in het natuurbeheer jonge en oude stukken hei, duin en bos vaker af te wisselen. Dat vergroot niet alleen de biodiversiteit, maar vertraagt ook de verspreiding van brand. Verder wil zij kennis beter uitwisselen, de gezamenlijke Europese blusdienst rescEU uitbreiden met twaalf blusvliegtuigen en vijf helikopters, en een Europees brandweercentrum oprichten in Cyprus.

Het kabinet sluit zich aan bij die aanpak. Nederland stelde in 2025 al een Landelijk Crisisplan Natuurbranden vast, iedere provincie moet een eigen natuurbrandbeheersingsplan maken en er komt een nationaal centrum voor natuurbrandbeheersing. Tegelijkertijd merkt het kabinet wel op dat de meeste rescEU-middelen zich in Zuid-Europa bevinden. Het wil deze graag eerlijker verspreiden, zodat alle lidstaten baat hebben bij de Europese solidariteit.

Dit artikel verscheen in de Nieuwsbrief Veiligheid en Defensie. Meer van dit soort verhalen? Abonneer je dan nu en ontvang elke twee weken verdiepende verhalen, interviews en nieuws rechtstreeks uit Brussel, Den Haag en de rest van Europa in jouw mailbox.