Europese Week van de gendergelijkheid zet schijnwerpers op geweld tegen vrouwen

Geweld tegen vrouwen is nog steeds alomtegenwoordig in de EU, blijkt tijdens de Europese Week van gendergelijkheid. Al zien we slechts het topje van de ijsberg: in veel lidstaten is er sprake van een grote onderrapportage. “De meeste vrouwen blijven stil.”

3 min. leestijd
Premium
Bron illustratie: iStockphoto.

Deze week is het de Week van gendergelijkheid in het Europees Parlement. Dit jaar staan cybergeweld, online intimidatie, en het versterken de positie van vrouwen in een digitale wereld centraal. Tegelijkertijd heeft Eurostat een nieuw rapport gepubliceerd over gendergerelateerd geweld in de EU, specifiek tegen vrouwen.

De cijfers zijn pijnlijk, ook in Nederland. Een aanzienlijk hoog percentage van de Nederlandse volwassen vrouwen, 40 procent, geeft aan dat zij tijdens hun leven te maken hebben gehad met fysiek of seksueel geweld. Het EU-gemiddelde ligt op 31 procent.

Noordelijke paradox

Dat er zoveel meldingen worden gedaan in Nederland, kan ermee te maken hebben dat het bewustzijn van wat onaanvaardbaar gedrag is, hoger ligt. De onderzoekers stellen daarnaast dat in gemeenschappen waar weinig wordt gesproken over geweld tegen vrouwen, slachtoffers minder geneigd zijn hun ervaringen te rapporteren. Dit maakt het lastig om te weten in hoeverre de verschillen tussen landen kloppen.

Europarlementariër Raquel García Hermida – van der Walle (D66) bevestigt dat de cijfers mogelijk een “scheef beeld” kunnen geven. “Het aantal meldingen in Nederland ligt inderdaad erg hoog,” stelt ze, “maar ietsje lager dan in Scandinavië en Finland”. Dat heeft, vertelt ze, te maken met iets dat de ‘noordelijke paradox’ heet.

“Een van de statistieken waarvan ik echt schrik, is dat slechts één op de acht Europese vrouwen die slachtoffer wordt van seksueel geweld, dit rapporteert,” aldus Garcia Hermida – van der Walle. “Maar in noordelijke lidstaten, zoals de Scandinavische landen en ook Nederland, zien we dat meer vrouwen dit durven te doen.

Het feit dat de cijfers voor geweld hoger liggen, betekent dus niet per se dat er daadwerkelijk meer geweld is. “Ik kom uit Spanje, en ik ken het land goed. Dat de cijfers daar lager liggen dan in Nederland betekent echt niet dat er minder geweld is. Het wordt slechts vaker gebagatelliseerd, en er is sprake van meer schaamte- en schuldgevoelens bij vrouwen.”

Jonge vrouwen

Ook opvallend is dat jonge vrouwen (18-29 jaar) vaker aangeven slachtoffer te zijn geweest van fysiek of seksueel geweld door een niet-partner dan oudere vrouwen. Onder jonge vrouwen ligt dit percentage in Nederland op 45 procent, terwijl dit bij vrouwen in de hoogte leeftijdsgroep (65-74) op 25 procent ligt.

Deze trend is zichtbaar in de gehele EU, al zijn de cijfers in Nederland een stuk hoger dan het Europees gemiddelde. Een verklaring zou kunnen liggen in het feit dat onder jonge generaties meer bewustzijn bestaat over seksueel geweld. Jonge vrouwen herkennen dit gedrag mogelijk beter en zijn vaker bereid het te melden.

Ook op de werkvloer zijn vrouwen lang niet altijd veilig. Eén derde van de Europese vrouwen die ooit hebben gewerkt, heeft ongewenst seksueel gedrag ervaren. In Nederland is dit meer dan 40 procent. Ook hier zien we dat jonge vrouwen vaker aangeven dit soort ervaringen te hebben gehad.

Bewustwording

Er valt volgens Garcia Hermida – van der Walle dus nog veel te winnen. “Ik wil dat mensen, maar zeker vrouwen en meisjes in heel Europa zich bewust zijn van wat geweld is. Seksuele opmerkingen op de werkplek zijn bijvoorbeeld ook een vorm van geweld tegen vrouwen.”

“Wij hoeven dat niet te accepteren, maar tot het moment dat we allemaal die bewustwording hebben, lopen we het risico dat heel veel geweld gewoon onopgemerkt blijft in de rapportages.”