De Europese Unie is aan het veranderen. Het logge gevaarte van eindeloze wetgeving en besluitvorming kan zich die stroperigheid niet langer veroorloven. Niet in deze tijd. De grillen van de Amerikaanse president stellen Europa dagelijks op de proef. En een oorlog met Rusland lijkt dichterbij dan vrede.
Volgens de leiders is daadkracht nodig om de EU door deze veranderende wereldorde te gidsen. Daarvoor zijn snelle besluiten nodig. Maar dat is lastig met 27 lidstaten.
Versterkte samenwerking
Een nieuwe periode lijkt aangebroken. Besluiten worden niet altijd meer met alle 27 EU-landen genomen. Ambitieuze leiders maken onderling afspraken. Anderen kunnen volgen of afhaken: een Europa van meerdere snelheden. Te vaak houden enkele landen plannen tegen. Dat gebeurde bijvoorbeeld tijdens de EU-top in december toen de Belgische premier Bart de Wever zelfstandig de Russische tegoeden uit Oekraïense handen hield.
“Het is tijd om ons te bevrijden uit de ketenen van unanimiteit”, zei Commissievoorzitter Ursula von der Leyen tijdens haar State of the Union toespraak van vorig jaar.
Von der Leyen doet een beroep op wat in de verdragen “versterkte samenwerking” heet. Dat betekent dat minimaal negen lidstaten samen plannen uitvoeren die voor andere landen te ambitieus zijn. Voorafgaand aan de top over concurrentiekracht in Alden Biesen schreef Von der Leyen dit in een brief aan de regeringsleiders: “Waar stilstand of gebrek aan ambitie Europa’s slagkracht in gevaar brengt, mogen we de mogelijkheid tot nauwere samenwerking niet schuwen.”
De boodschap kwam aan. Voorafgaand aan de kasteeltop ontving De Wever samen met de Duitse bondskanselier Friedrich Merz en de Italiaanse premier Giorgia Meloni een gezelschap van zeventien gelijkgestemde regeringsleiders. Zij spraken over deregulering, een open handelsagenda en minder protectionisme. Even later verscheen Merz voor de camera. Hij zei dat de Europese Unie snel moet handelen. Desnoods in kleinere groepen.
Beproefd recept
Hoewel de nieuwe vorm van versterkte samenwerking nadrukkelijker op de voorgrond treedt, is deze allerminst nieuw. Zo zijn de eurozone en de Schengenzone twee bekende en succesvolle voorbeelden van ambitieuze samenwerking tussen lidstaten, waar anderen niet meedoen of later aanhaken. Zo bestaan er nog meer van dergelijke coalities zoals de Maximator-alliantie, waarin Denenmarken, Frankrijk, Duitsland, Nederland en Zweden inlichtingen met elkaar delen.
Het meest recente voorbeeld is de E6, een samenstelling van de ministers van Financiën Europa’s zes grootste economieën (Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje, Polen en Nederland) die doorbraken proberen te forceren in bijvoorbeeld de Europese kapitaalmarktunie. “Wij geven de aanzet. Andere landen zijn welkom om zich bij onze plannen aan te sluiten”, zei de Duitse minister van Financiën Lars Klinkbeil daarover.
“Doodlopend Europa”
Maar niet iedereen is enthousiast. Zo protesteerde de Poolse premier Jarosław Kaczyński in 2017 tijdens een EU-top in Rome al tegen een Europa van verschillende snelheden, bang om naar de marge verdreven te worden. En na het onderonsje van de E6 over de kapitaalmarktunie liet de Ierse minister van Financiën Simon Harris zijn onvrede blijken. Hij is bang dat de E6 de belangen van kleinere landen negeert. “Zeker als de grootte van je land bepaalt of je aan tafel mag zitten.”
Tegelijkertijd gaf Harris toe dat het noodzakelijk is om soms in kleine formaties te opereren als vooruitgang met alle lidstaten wordt tegengehouden door sommigen. Of, zoals voormalig president van Luxemburg Xavier Bettel in Rome zei: “Liever een Europa van meerdere snelheden dan een doodlopend Europa.”
Nederland
En dat is ook het standpunt van het Nederlandse kabinet. Niet alleen treedt Nederland vaker toe tot kleinere coalities als de E6, maar premier Dick Schoof noemde ook de versterkte samenwerking ook expliciet als mogelijkheid voorafgaand aan zijn laatste Europese optreden in Alden Biesen. “We proberen zoveel mogelijk met zijn zevenentwintigen te doen, maar soms moeten we een zijstap nemen.”
Ook het aanstaande kabinet zegt zich in te zetten voor een Europa van verschillende snelheden, zij het op een hele andere manier. In het coalitieakkoord schrijven D66, CDA en VVD over EU-uitbreiding dat landen gedeeltelijk moeten kunnen toetreden, ook als zij nog niet aan alle toetredingsvoorwaarden voldoen. Onlangs stemde een meerderheid in de Tweede Kamer in met een motie om deze versnelde, gedeeltelijke toetreding te bepleiten in Brussel.
Dit artikel verscheen eerder in de Nieuwsbrief Democratie en Rechtsorde. Daarin volgt Brusselse Nieuwe de staat van de democratische rechtsorde in Europa, van uitspraken van het Europees Hof tot politieke besluiten die Nederland raken. Abonneer je nu en ontvang elke twee weken verdiepende verhalen, interviews en nieuws in je mailbox.
