GroenLinks-PvdA wil van het kabinet weten waarom een nationaal PFAS-verbod uitblijft, nu de maatschappelijke kosten van PFAS-vervuiling voor Europa in de honderden miljarden euro’s kunnen lopen. Aanleiding voor de Kamervragen is een studie die in opdracht van de Europese Commissie is uitgevoerd.
PFAS is een verzamelnaam voor duizenden vrijwel niet-afbreekbare chemische stoffen die worden gebruikt in onder meer pannen, waterdichte kleding en industriële toepassingen. Ze hopen zich op in het milieu en kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid.
Maatschappelijke kosten
Volgens de studie bedragen de maatschappelijke kosten van PFAS-vervuiling bij ongewijzigd beleid ongeveer 440 miljard euro in de periode 2024 tot 2050. In een scenario met een volledig verbod op productie en gebruik van PFAS dalen de kosten naar circa 330 miljard euro. In een scenario waarin Europa zeer strenge waternormen hanteert, lopen de kosten juist op tot ongeveer 1.700 miljard euro. Dat komt vooral doordat grootschalige waterzuivering en bodemsanering zeer kostbaar zijn.
De bedragen zijn ramingen. De onderzoekers berekenen hoeveel extra ziekte en vroegtijdige sterfte samenhangen met PFAS-blootstelling. Vervolgens vertalen zij die gezondheidsschade naar een geldbedrag. Daarnaast nemen zij kosten voor waterzuivering en bodemsanering mee. Het rapport kijkt uitsluitend naar de maatschappelijke kosten van vervuiling. Mogelijke economische voordelen van PFAS-gebruik – bijvoorbeeld in medische apparatuur, elektronica of energieopslag – worden niet meegewogen.
Locaties
Volgens de studie behoort Nederland tot de landen in Europa met de meeste locaties waar PFAS-vervuiling is vastgesteld of vermoed. Nederland telt bijna 5.000 zogenoemde hotspots. Alleen België heeft er meer.
Tweede Kamerlid Ani Zalinyan vraagt het kabinet of een aanzienlijk deel van deze geschatte kosten nu bij waterschappen, gemeenten en dus belastingbetalers terechtkomt, en of Nederland zelf een analyse heeft gemaakt van de kosten en baten van een nationaal PFAS-verbod. Ook vraagt ze zich af of Nederland, met deze nieuwe informatie, zich toch niet harder moet inzetten voor een nationaal PFAS-verbod.
PFAS-verbod
In het coalitieakkoord schrijven D66, VVD en CDA dat Nederland in Europa ‘kartrekker’ wil zijn voor een Europees verbod op PFAS. Tegelijkertijd onderzoekt het kabinet of en hoe op korte termijn een nationaal lozingsverbod mogelijk is.
In Europa wordt aan een verbod op PFAS gewerkt, al is de officiële benaming tegenwoordig een PFAS-restrictie. Dat komt omdat er geen sprake is van een totaalverbod. Sommige bedrijven mogen PFAS nog gebruiken, zolang ze de risico’s beheersen. Denk aan belangrijke toepassingen van PFAS voor elektronica, chips of transport. De wetenschappelijke comités van het Europese chemieagentschap beoordelen nu de nieuwste versie van het voorstel. Zij kijken of de uitzonderingen wetenschappelijk goed onderbouwd zijn. Ze verwachten eind 2026 klaar te zijn. Daarna is het aan de Europese Commissie en de lidstaten om een besluit te nemen.
Sommige milieuorganisaties wilden daar niet op wachten en probeerden via de rechter een nationaal lozingsverbod af te dwingen. Zij vonden dat de Nederlandse Staat verantwoordelijk was voor de verontreiniging door PFAS. De rechter wees hun claim echter af. Volgens de rechtbank neemt de overheid al voldoende maatregelen om de verspreiding van schadelijke stoffen tegen te gaan.
Hoe komt het Europese PFAS-verbod eruit te zien? In de Nieuwsbrief Klimaat en Energie praat eindredacteur Sander van Vliet je elke twee weken bij over klimaat, energie en de toekomst van de Europese industrie. Van emissiehandel en waterstof tot PFAS en concurrentiekracht: je leest wat er speelt en waarom het ertoe doet. Abonneer je nu en ontvang nieuws, verdiepende verhalen en interviews rechtstreeks in jouw mailbox.
