Luchtvaartmaatschappijen maken zich steeds meer zorgen om de hoge kerosineprijzen als gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten maken zich zorgen over de snel stijgende kerosineprijzen en dreigen vluchten te moeten schrappen. Luchtvaartorganisaties uit elf EU-landen roepen de Europese Commissie op om de regels aan te passen. Ze willen dat het makkelijker wordt om extra brandstof mee te nemen op een vlucht en een uitzondering van de zogeheten slotregel, die regelt op welk tijdstip vliegtuigmaatschappijen op een bepaald vliegveld mogen opstijgen en landen.
De maatregelen zijn nodig, ook als de oorlog morgen voorbij is en de Straat van Hormuz opent, schrijven de organisaties in een brief ingezien door Brusselse Nieuwe. “Een structurele verbetering van de brandstofvoorziening is op de korte en middellange termijn niet te verwachten. Zelfs als de Straat van Hormuz heropend wordt, zal normalisering van de toeleveringsketens aanzienlijke tijd vergen,” schrijven zij.
80/20 slotregel
Ze vragen om twee maatregelen. De eerste gaat over de slotregel, die regelt wie wanneer mag opstijgen op een drukke luchthaven. Elke luchtvaartmaatschappij heeft een toegewezen tijdstip nodig waarop een vliegtuig mag vertrekken of aankomen. Die slots zijn schaars en worden door luchtvaartmaatschappijen met hand en tand vastgehouden, want wie ze verliest, kan ze moeilijk terugkrijgen.
Om te voorkomen dat maatschappijen slots oppotten zonder ze te gebruiken, geldt in de Europese Unie de zogeheten 80/20-regel: een luchtvaartmaatschappij moet minstens 80 procent van haar toegewezen slots daadwerkelijk benutten. Doet zij dat niet, dan verliest zij het recht op diezelfde slots het volgende seizoen.
Het probleem is dat die regel weinig ruimte laat als vliegen opeens veel duurder of zelfs onmogelijk wordt. Tijdens de coronacrisis vlogen lege vliegtuigen rond puur om de slots niet te verliezen. Dat is verspilling van brandstof, precies wat de EU in de huidige crisis wil vermijden. De regel moet daarom tijdelijk van tafel, zeggen de luchtvaartorganisaties. Zo kunnen maatschappijen vluchten schrappen of samenvoegen zonder hun waardevolle starttijden te verliezen. “Deze maatregel zou onnodige brandstofverspilling op onderbenutte routes voorkomen en tegelijkertijd kritieke verbindingen veiligstellen”, aldus de brief.
Meenemen van brandstof
De luchtvaartmaatschappijen vragen daarnaast om soepeler regels voor het meenemen van brandstof aan boord. Daarmee willen ze voorkomen dat een vliegtuig op de bestemming aankomt en vervolgens dure kerosine moet tanken, of dat er überhaupt geen kerosine beschikbaar is op locatie en de luchtvaartmaatschappij met hoge kosten zit.
Normaal gesproken is het verboden om extra brandstof mee te nemen om oneerlijke concurrentie te voorkomen. Luchtvaartmaatschappijen die naar landen met goedkopere brandstof vliegen zouden anders een voordeel hebben. De luchtvaartmaatschappijen vragen om een tijdelijke uitzondering van de regel en stellen dat daar ook juridisch al het een en ander mogelijk is zonder dat de regels aangepast hoeven te worden.
Prijstijging
Door de sluiting van de Straat van Hormuz wordt er op de wereldmarkt ongeveer 20 procent minder olie en olieproducten aangeleverd. Kerosine is meer dan twee keer zo duur geworden sinds de start van de oorlog. En dat terwijl kerosine normaal gesproken al de hoogste kostenpost is van de luchtvaartmaatschappijen, zo’n 30 procent van de prijs.
Veel maatschappijen hebben de prijsstijging maar gedeeltelijk kunnen doorberekenen aan reizigers: tickets waren al verkocht en de internationale concurrentie is te hevig om prijzen zomaar te verhogen. De gevolgen zijn al zichtbaar. KLM schrapt in mei zeker 160 vluchten, omdat een deel van de routes niet meer rendabel is. De Britse budgetmaatschappij easyJet verwacht over het eerste halfjaar van 2026 een verlies van ruim 600 miljoen euro, mede door de gestegen brandstofkosten.
Nu handelen
In de brief wijzen de luchtvaartmaatschappijen naar het Verenigd Koninkrijk. Daar zijn al maatregelen genomen. Britse luchtvaartmaatschappijen mogen vluchten naar dezelfde bestemming samenvoegen en passagiers overzetten naar minder lege toestellen, zonder hun slots te verliezen.
De brief eindigt met een duidelijke oproep. De drukke zomer staat voor de deur, en de Commissie moet nu handelen, vinden de organisaties. “De situatie ontwikkelt zich snel en vereist direct en daadkrachtig optreden.”
Dit artikel verscheen eerder in de Nieuwsbrief Mobiliteit. Daarin praat eindredacteur Sander van Vliet je elke twee weken bij met nieuws, achtergronden en interviews. Of het nu gaat om de Europese auto-industrie, treinverbindingen of zelfrijdende bussen: alles komt voorbij. Abonneer je nu.

