Europese Rekenkamer waarschuwt Tweede Kamer: nauwelijks te controleren waar geld van nieuwe EU-begroting terechtkomt

De Europese Rekenkamer waarschuwt dat miljarden uit de nieuwe EU-begroting dreigen te verdwijnen zonder dat iemand weet waar ze blijven. De Tweede Kamer is het van links tot rechts met de kritiek eens.

5 min. leestijd
Stef Blok. (Foto: Europese Rekenkamer).

Geld dat lidstaten vanuit Europa ontvangen, komt niet altijd op de afgesproken plek terecht. En dat probleem dreigt alleen maar groter te worden, waarschuwde Stef Blok van de Europese Rekenkamer in de Tweede Kamer. 

Ondanks het belang van de boodschap zaten er in de zaal zes Kamerleden, inclusief de voorzitter. In het publiek zat één geïnteresseerde burger en de perstribune was nagenoeg leeg. Blok sprak over het advies van de Europese Rekenkamer over de meerjarenbegroting van de Europese Unie voor de periode 2028 tot 2034. “De onderhandelingen vinden nu in volle hevigheid plaats”, zei hij. “Het Nederlandse Parlement kennende bemoeien jullie je er graag mee.”

Invloed op beleid

En die bemoeienis is nu heel belangrijk, zei Blok. In zijn presentatie vertelde hij dat de Europese Commissie voorstelt om bedragen, bedoeld voor regio’s, steden en landbouw, voortaan uit te keren op basis van vooraf gestelde doelstellingen, precies zoals het geval was met het Coronaherstelfonds. Dat was een fonds waarmee de EU tijdens de Coronacrisis geld leende op de kapitaalmarkt om aan lidstaten te verstrekken, deels als lening, deels als subsidie die niet terugbetaald hoeft te worden. Daarmee wilde de EU de economie een duwtje in de rug geven. 

Lidstaten moesten plannen indienen om aanspraak te maken op het geld. Dat kon gaan om het aanleggen van een nieuwe spoorlijn of brug, maar ook om minder concrete zaken zoals wetswijzigingen of andere hervormingen. Elke keer als een lidstaat een vinkje zette en dat in Europa aantoonde, kreeg het een vooraf vastgesteld bedrag uitgekeerd. Het idee erachter is dat de Europese Commissie daarmee invloed kan uitoefenen op het beleid van de lidstaten.

In de huidige meerjarenbegroting werkt het anders. Lidstaten ontvangen nu Europees geld als zij een aanvraag doen voor een specifiek project. Achteraf stappen ze naar de Commissie met het bonnetje en vragen om terugbetaling. Het probleem daarbij is dat de Commissie op die manier nauwelijks invloed heeft op de economische hervormingen in een land. Wel brengt ze elk jaar via het zogeheten Europees Semester een beoordeling uit van hoe de economie van een lidstaat ervoor staat, maar dat is slechts een advies. Alleen als lidstaten de regels overtreden, kunnen er procedures worden gestart.

Waarschuwing

Blok erkende dat het een goede ontwikkeling is dat de Commissie overstapt naar het andere systeem, omdat ze dan meer invloed heeft op de hervormingen in de lidstaten. Toch plaatste hij ook een aantal stevige kanttekeningen. Bij het Coronaherstelfonds is het namelijk niet of nauwelijks te controleren of het geld wel op de juiste plek terecht is gekomen.

Dat heeft verschillende oorzaken. Het kan zijn dat de doelstellingen niet goed zijn geformuleerd. Blok: “In Griekenland en Spanje werd bijvoorbeeld geld uitgekeerd nadat een wet was aangenomen, terwijl het effect dat was afgesproken – meer elektrische auto’s – helemaal niet werd behaald.” Of: “De overheid gebruikt het geld om een nieuw treinspoor aan te leggen, maar dat treinspoor zou sowieso vervangen worden omdat het al aan het einde van zijn Latijn was.”

Een ander probleem is dat er niet naar de daadwerkelijke kosten wordt gekeken. Een lidstaat ontvangt een vooraf besproken bedrag, ook al viel het project goedkoper uit. “Soms is de uitbetaling hoger dan de kosten die er daadwerkelijk mee gemoeid waren”, zegt Blok.

Kamerleden eensgezind

De Tweede Kamerleden slikken het als zoete koek. Ze zijn het van links tot rechts met de kritiek van Blok eens. Toch vraagt GroenLinks-PvdA-Kamerlid Tom van der Lee zich af of de inzet van de Commissie om op doelen te sturen wel de juiste koers is. “Ja”, reageert Blok. “Onze boodschap is niet dat het niet kan, maar dat het alleen toegevoegde waarde heeft als de afspraken helder en meetbaar zijn. En dat je weet waar het geld terechtkomt.”

FvD-Kamerlid Pepijn van Houwelingen noemt het gestuntel met Europees geld een “horrorshow”. “Dat zijn niet mijn woorden”, reageert Blok. Hij erkent wel: “De EU wordt niet voor niets vergeleken met een Vereniging van Eigenaren. Het zijn je buren. Maar dat zijn er wel 27. Dat maakt het zo complex.”

PVV-Kamerlid Sebastiaan Stöteler merkt tot slot op dat de Europese Rekenkamer heel veel nuttige adviezen uitbrengt, maar dat de Commissie er niet naar lijkt te luisteren. “Heeft de Commissie er wel voldoende oor voor?” Volgens Blok is dat een “gemengd beeld.” Hij maant de Tweede Kamer om de boodschap ook aan de regering mee te geven, zodat zij op hun beurt druk kunnen zetten op de Commissie. “Voor al deze zaken geldt: we hebben elkaar nodig. Wij zijn rapporteur. Als u de regering erop aanspreekt en de regering spreekt de Europese Commissie aan, dan is het effect groter. Daarom blijven we onszelf hier uitnodigen.”

De Nederlandse regering is zich overigens al bewust van de kritiek van Blok. Waar het vorige kabinet aanvankelijk sceptisch was over het uitkeren van geld op basis van doelen in plaats van bonnetjes, schreef het in september 2025 dat het “positief” tegenover de plannen staat. Daarbij vroeg het kabinet zich wel af hoe de methode in de praktijk uitpakt. Het zijn dezelfde zorgen als die van Blok.

De hele discussie van de voorgestelde meerjarenbegroting volgen? Abonneer je dan nu op de Nieuwsbrief Van economie tot euro. Daarin praat Emma du Chatinier je elke twee weken bij met economisch nieuws, verdiepende verhalen en interviews.