Europees Erfgoedlabel in Nederland: het Verdrag van Maastricht ‘van groot belang voor Europese eenwording’

Van het begin van de beschaving tot het hedendaagse Europa. Tal van locaties, 60 inmiddels, vallen onder de bescherming van het Europees Erfgoedlabel. Daarmee wil de Europese Unie de idealen, waarden, geschiedenis en culturele diversiteit in Europa waarborgen. Dit label is het enige in zijn soort, zo stelt de Europese Commissie. Maar is dat wel zo? Waarom is er een Europees Erfgoedlabel, zijn er Nederlandse locaties met dit label en wat hebben we daaraan? Brusselse Nieuwe zoekt het in deze korte zomerreeks voor je uit.

Vandaag: het Verdrag van Maastricht. Wij spraken met Dr. Bart Stol, projectleider Europees Erfgoed en het Verdrag van Maastricht bij Studio Europa Maastricht (SEM).

6 min. leestijd

Op 7 februari 1992 zette Europa een grote stap vooruit. In ons eigen Maastricht ondertekenden twaalf ministers van Buitenlandse Zaken en Financiën van de toenmalige EU-lidstaten het Verdrag betreffende de Europese Unie, beter bekend als het Verdrag van Maastricht. De toenmalige Europese gemeenschap (EG) werd daarmee omgedoopt tot de Europese Unie (EU). 

Waar de andere drie Nederlandse sites op de lijst fysiek te bezoeken zijn, is het Verdrag van Maastricht van groot belang voor het Europese gedachtegoed: “Bij het Verdrag van Maastricht is het niet zozeer het papier zelf, maar wat op het papier geschreven staat van groot belang voor de Europese eenwording” legt Stol uit.

Verdrag van Maastricht en het Erfgoedlabel, hoe werkt dat?

Bovenal legde het Verdrag van Maastricht de basis voor de Europese Monetaire Unie (EMU) en de invoering van de euro als gemeenschappelijke munt. Maar er veranderde nog veel meer. Om een lang verhaal kort te maken: door het Verdrag van Maastricht werd de rol van het Europees Parlement versterkt. De Europese Commissie stelt Europese wetten en beleidsmaatregelen voor. Dankzij het Verdrag van Maastricht mag het Europees Parlement de Europese Commissie rechtstreeks vragen om wetsvoorstellen te maken en moet het Parlement het volledige College van Commissarissen goedkeuren, voordat de Commissie de voorstellen praktisch mag gaan uitwerken. Het is nog steeds zo dat als de Commissie een voorstel indient, er onderhandelingen plaatsvinden tussen delegaties van de Europese Commissie, het Europees Parlement en de Raad (waar EU-regeringsleiders bij elkaar komen). Dat wordt de triloog genoemd.

Maar de versterkte rol van het Europees Parlement kwam door het Verdrag van Maastricht nog sterker naar voren, omdat het een gelijkwaardige positie in het wetgevingsproces met de Raad kreeg: beide instellingen moeten het uiteindelijke voorstel van de Commissie goedkeuren, voordat het in werking kan treden in de verschillende EU-lidstaten. En waarom zijn al deze veranderingen dan zo toonaangevend geweest voor de Europese samenwerking? Het Europees Parlement, waar Europarlementariërs bij de Europese verkiezingen door het volk van hun thuisland zijn verkozen, en de Raad van de Europese Unie, waar de vakministers van de EU-lidstaten door nationale verkiezingen zijn verkozen, gingen nauwer samenwerken. En die democratische verbinding zorgt ervoor dat wat er in Brussel gebeurt, dichterbij de lidstaten en hun volk komt te staan.

Het originele papier ligt weliswaar veilig opgeborgen in een kluis in Italië, maar een kopie van het Verdrag van Maastricht is terug te vinden in het Gouvernement aan de Maas in Maastricht, het provinciehuis waar het bestuur van provincie Limburg haar zetel heeft. Samen met Studio Europa Maastricht heeft de provincie Limburg daar ook een nieuwe, permanente expositie over het Verdrag opgezet. De provincie Limburg speelde een sleutelrol om het Verdrag van Maastricht op de lijst van Europees erfgoed te krijgen. Hoe ging dat in zijn werk? 

“Het is een simpele procedure. Elk land kan per ronde enkele voorstellen doen, wat de provincie Limburg namens Nederland en in samenspraak met de Nederlandse regering heeft gedaan voor het Verdrag van Maastricht. Er werd een aanvraag ingediend en redenen opgegeven waarom de site in aanmerking zou komen voor het Europees Erfgoedlabel. Dat formulier werd ingediend bij de Europese Commissie,” legt Stol uit. Op 26 maart 2018 werd die aanvraag beantwoord: tijdens een internationale conferentie over Europees cultureel erfgoed in Bulgarije ontving het Verdrag van Maastricht, samen met acht andere locaties, het label. En nu wordt er hard gewerkt om het belang van het Verdrag onder de aandacht te brengen. Wat wordt er dan precies gedaan? 

Studio Europa Maastricht en de taak voor het onderwijs

Ook al lijkt de procedure om het Europees Erfgoedlabel te ontvangen vrij simpel, de verwachtingen van de Europese Commissie na het uitreiken van het label zijn groot. “Een van de voorwaarden was de aanleg van een archief over het ontstaan van het Verdrag van Maastricht en de impact ervan, een verzameling van belangrijke documenten.” Dit archief belicht niet alleen de totstandkoming van het Verdrag, maar bracht ook nieuwe initiatieven tot leven. “Aan dit archief koppelden wij ook een oral history-project (mondelinge geschiedenis) waarin we de ervaringen van onder meer politici optekenden, van diplomaten, economen en ondernemers die van belang zijn geweest voor de vorming van het Verdrag van Maastricht en de verdere ontwikkeling van Europa.”

Nog belangrijker: het label is ook een stimulans voor het onderwijs. “We moeten het belang van de site en de Europese dimensie tonen, met name aan jongeren. We hebben een educatieve verplichting.” Hoe ziet dat er in de praktijk uit? “We stelden het Grote Europa Doeboek samen, in samenwerking met Historisch Nieuwsblad en onderwijsspecialisten. Dit boek laat kinderen op speelse wijze kennismaken met het Verdrag van Maastricht, de Europese Unie en haar geschiedenis. Al tientallen scholen in de Benelux maken gebruik van het Doeboek,” aldus Stol. 

De vraag die rest: wie organiseert dat allemaal en hoe? Studio Europa Maastricht speelt de hoofdrol: “Een onderzoeks- en debatcentrum waarin we onderzoek doen naar Europa. We willen de erfenis van het Verdrag van Maastricht onder de aandacht van een breed publiek brengen.” Om dat voor elkaar te krijgen werd aangeklopt bij knappe koppen in het onderwijs die zich bezighouden met Europese samenwerking: “De provincie Limburg heeft hiervoor samenwerking gezocht met de Universiteit van Maastricht. Het archief en de projecten die we ontwikkelen zijn belangrijk voor educatie, want daar vindt het onderzoek plaats dat ons diepere inzichten geeft over onder meer het belang van het Verdrag, waarom het gesloten is, over de onderhandelingen en over de ontwikkeling van Europa.”

Netwerken en toerisme

Het Europese Erfgoedlabel levert ook onverwachte zaken op. Zo stimuleert het de samenwerking tussen verschillende erfgoedlocaties: “Op het moment dat je een Europees Erfgoedlabel krijgt, treed je automatisch toe tot een netwerk. Er ontstaat een netwerk tussen de vier Nederlandse erfgoedhouders met een Europees Erfgoedlabel. Naast Maastricht zijn dat kamp Westerbork, het Vredespaleis en Koloniën van Weldadigheid. Die gaan met elkaar in overleg en wisselen kennis uit. Ook ontstaat een Europees netwerk bestuurd vanuit Brussel, waarbij erfgoedsites uit verschillende EU-lidstaten minstens een keer per jaar samenkomen om te overleggen en kennis uit te wisselen.”

Een Europees Erfgoedlabel zorgt niet voor directe subsidies, maar levert toch financieel wel wat op, zegt Stol: “Erkenning van het Europese belang is goed voor het toerisme.”

Wat ontbreekt er op de lijst?

Welke erfgoedsite zou Stol nog van een Europees Ergoedlabel willen voorzien? Als historicus geeft Stol een onderbouwd antwoord op die vraag: “De Unie van Utrecht uit 1579 zou ik willen voordragen. De basis voor de vorming van de latere Republiek der Zeven Nederlanden. De Republiek vormde voor veel denkers in de 18de eeuw een enorme inspiratiebron voor hun theorieën over de Europese samenwerking.”

Met zijn voordracht brengt Stol Europa ook in directe verbinding met Nederland: “Het is Nederlands, het is immaterieel, maar het toont aan hoe diep en hoe ver het hele idee van Europese integratie teruggaat en toont ook de belangrijke inspirerende rol die Nederland in de gedachtevorming van Europese integratie heeft gespeeld.”

Lees op Brusselse Nieuwe ook over drie andere Nederlandse sites die het Europees Erfgoedlabel ontvingen: Kamp Westerbork, het Vredespaleis en de Koloniën van Weldadigheid.

Het gras is altijd groener bij de buren.
Verken je horizon en ga ook eens vissen in een andere vijver!

Word lid Meer informatie