Nieuwsbrief Brussels Peil | Gemopper

Het was een beetje een moppertop. De regeringsleiders fulmineerden over de Hongaarse leider Orbán, mopperden over de hoge energieprijzen en waren boos over de pogingen van de Amerikaanse president Trump om hen bij de oorlog in het Midden-Oosten te betrekken. Maar het gemopper leidde niet tot concrete besluiten, schrijft onze hoofdredacteur Bert van Slooten (cartoon) in dé gratis wekelijkse Europa-nieuwsbrief Brussels Peil.

3 min. leestijd

De Hongaren krijgen de tijd tot na de verkiezingen van april om alsnog in te stemmen met extra geld voor Oekraïne. Er komt een onderzoek naar de invloed van het zogenoemde emissiehandelssysteem (ETS). Bedrijven die CO₂ uitstoten – denk aan staalfabrieken, chemieconcerns en energiecentrales – moeten daarvoor betalen. Ze kopen emissierechten op een Europese markt. Elk jaar zijn er minder rechten beschikbaar, waardoor uitstoten geleidelijk duurder wordt.

Vooral Italië en Polen willen van het systeem af, zodat energie goedkoper wordt. Verder herhaalden veel leiders dat de oorlog van Israël en de Verenigde Staten niet “onze oorlog” is. Dat laatste kan politiek waar zijn, maar de gevolgen zijn wel degelijk voelbaar in Europa. De energieprijzen schieten omhoog. Daarom is er eerder deze week, zowel door regeringsleiders als ministers, gesproken over manieren om de prijzen te temperen.

De Spaanse premier Sánchez riep zijn collega’s op om de energiecrisis niet te gebruiken om het klimaatbeleid te verzwakken. “De les die Spanje de rest van Europa kan leren, is dat investeren in hernieuwbare energie in het belang is van kleine en middelgrote bedrijven, zelfstandigen en werkenden.” Hij had cijfers meegenomen. De energieprijs lag in zijn land deze week rond de 14 euro per megawattuur, ver onder de ruim 100 euro die in veel andere landen wordt betaald.

Gemiddelde energieprijzen:

  • Noorwegen/ Zweden: 20–65 euro (veel waterkracht)
  • Spanje/ Portugal: 25–35 euro (veel zon en wind)
  • Frankrijk: 48–55 euro (kernenergie)
  • Duitsland: 97–116 euro (vergelijkbaar met Nederland)
  • Nederland: 108–120 euro
  • Italië: 114–139 euro (veel gas)

Het is dan ook niet verwonderlijk dat de Italiaanse premier Meloni een van de felste tegenstanders is van het ETS-systeem, dat energie volgens haar juist duurder maakt. Ook landen die nog veel steenkool gebruiken, zoals Polen, maar ook de Baltische Staten en Hongarije, hopen op afschaffing.

Komt het zover?

De Europese Commissie moet nu alle voor- en nadelen op een rij zetten. Maar nog maar een paar weken geleden zei voorzitter Ursula von der Leyen dat Europa zonder het ETS-systeem zo’n 100 miljard kubieke meter extra gas zou verbruiken. “Daardoor zouden we nog kwetsbaarder en afhankelijker zijn.” Ze wordt gesteund door de Nederlandse premier Rob Jetten, die juist vindt dat het ETS-systeem voorspelbaarheid biedt voor de lange termijn.

Voorafgaand aan de top stuurde Commissievoorzitter Ursula von der Leyen een brief aan de regeringsleiders. Ze verdedigde het systeem als een bewezen instrument om de industrie te verduurzamen, maar kondigde ook aanpassingen aan. Zo werkt de Commissie aan nieuwe normen die bepalen hoeveel gratis rechten bedrijven krijgen die al relatief schoon produceren. En als er grote prijsschommelingen zijn, moet er een soort automatisme komen waardoor er minder uitstootrechten beschikbaar komen (voor de liefhebbers: het marktstabiliteitsreserveprincipe). Ook moeten de opbrengsten van het ETS direct terugstromen naar bedrijven die willen verduurzamen, wat nu in veel gevallen nog niet gebeurt.

Het systeem moet dus beter worden en niet meteen worden weggegooid. Dat is ook de inzet van het Nederlandse kabinet. Jetten onderschreef die lijn na afloop van de top: “Hoe minder je nog verslaafd bent aan fossiele energie die je moet importeren van buiten Europa, hoe minder je ook geraakt kunt worden door schommelingen op de wereldmarkt.”