Ze stonden dicht tegen elkaar aan, alsof ze al jaren bevriend waren. De burgemeester van Lviv in het midden, zijn armen om Eurocommissaris Marta Kos en de Deense minister Marie Bjerre. De Deen met een brede glimlach op haar gezicht voor de camera.
Het was de slotfoto na een dag in het Oekraïense Lviv samen met de Europese ministers van Europese Zaken. Samen woonden ze de dagelijkse minuut stilte bij op de militaire begraafplaats, tussen een zee aan bloemen en Oekraïense vlaggen. Ze luisterden naar een muzikaal optreden in de opera, vol pracht en praal, en hesen de Europese vlag op het stadsplein. Dat allemaal in een land dat meer EU-gezind is dan menig lidstaat, maar zelf geen lid is. En daar moet volgens de Denen verandering in komen. Het liefst zo snel mogelijk. Vandaar deze informele bijeenkomst in Lviv, een week geleden, als een van de laatste grote momenten van het Deense EU-voorzitterschap.
Want Marie Bjerre, de Deense minister voor Europese Zaken, heeft een plan voor de toetreding van Oekraïne tot de EU. Ze loopt daarmee wel alvast wat op de zaken vooruit. Het is geen geheim dat Hongarije het lidmaatschap van Oekraïne openlijk dwarsligt. En omdat toetreding alleen kan met unanimiteit van alle 27 lidstaten, blijft dat een obstakel. Maar Bjerre wil ondertussen niet stilzitten. Met een stap-voor-stapaanpak wordt gewerkt aan het lidmaatschap van Oekraïne.
Geen sluiproute
Het Deense voorzitterschap boekte zoveel mogelijk vooruitgang bij de voorbereidingen voor drie van de in totaal zes onderhandelingsclusters. Vandaar de grote glimlach van Bjerre op de foto met de burgemeester van Lviv. Ze is erg trots op de stappen die nu zijn gezet. Al zegt zij zelf ook: “Het is geen sluiproute, er is nog steeds veel huiswerk voor Oekraïne, maar we staan in ieder geval niet stil.” Daar gaat het haar om.
Zodra Hongarije zover is, kan het volgens Bjerre snel gaan. Hoe snel dat moment komt, moet nog blijken. Maar in Lviv bleef ze glimlachend positief.
Het bezoek van de ministers was dus geen startsein van onderhandelingen, maar een signaal. De EU wil laten zien dat zij, ondanks de impasse, vastberaden blijft.
Allesbehalve eensgezind
De bijeenkomst in Lviv was een krachtig signaal, maar een week later waren de discussies over geld voor Oekraïne in Brussel allesbehalve eensgezind. Het ging over de tegoeden van Euroclear in België en de ingewikkelde vraag of die naar Oekraïne zouden moeten gaan.
De Deense premier Mette Frederiksen zei dat “de boodschap aan België is dat één enkel land Europa niet mag blokkeren om het juiste te doen”. Iets waar het telkens maar op neer lijkt te komen in de EU, maar waar het ook steeds vastloopt.
Ook demissionair premier Schoof begon de top met een duidelijke voorkeur. Nederland zag het liefst dat de EU de roebels, die ter waarde van honderden miljarden euro’s vooral in België vaststaan bij Euroclear, zou inzetten voor Oekraïne. Dat zou politiek een krachtig signaal zijn, volgens Schoof.
Best goed
Maar om half vier ’s ochtends, na lang onderhandelen, stond Frederiksen op het podium met Raadsvoorzitter Antonio Costa en Commissievoorzitter Ursula von der Leyen. Omdat het de laatste persconferentie was van de laatste top onder het Deense EU-voorzitterschap, mocht Frederiksen erbij zijn om het nieuws delen: niet de Belgische tegoeden gaan naar Oekraïne, maar er wordt 90 miljard euro beschikbaar gesteld voor 2026 en 2027, via gezamenlijke leningen op de kapitaalmarkt.
Frederiksen zei tevreden te zijn met de overeenkomst. “Ik had liever één model, maar ik vind het resultaat best goed.” Maar is ‘best goed’ wel goed genoeg voor de toekomst van Oekraïne? Er gaat geld naar Oekraïne en er wordt gewerkt aan toetreding, maar het toekomstperspectief blijft troebel. En met dit besluit als laatste zet voor de kerst, zwakt de positiviteit van Bjerre misschien toch iets af.
Nog een week, en dan geeft Denemarken het voorzittersstokje door aan Cyprus.