Extra geld komt er niet, toch is er een ‘nieuw’ perspectief voor de Lelylijn, de spoorlijn die het noorden moet verbinden met Amsterdam. “De Lelylijn is een diep gekoesterde wens in noordelijk Nederland”, zegt staatssecretaris Annet Bertram. “Dat begrijp ik heel goed.”
Klaas Knot, gebombardeerd tot de zogeheten Lelylijngezant, bracht in kaart hoeveel de spoorverbinding kost. Het prijskaartje: bijna 15 miljard euro. Volgens Knot moet Nederland elk jaar 400 miljoen euro apart leggen in een spaarpotje. Ook moet ons land aankloppen in Brussel, zowel bij de Europese Commissie om geld uit het zogeheten Connecting Europe Facility (CEF) te ontvangen als bij de Europese Investeringsbank (EIB) voor een lening.
Lucratief spoor
Het kabinet spaart voorlopig niet voor de Lelylijn. Er zijn te veel andere bruggen met scheuren en wegen in verval die geld nodig hebben. Wat is het “nieuwe perspectief” waar het kabinet over spreekt? De EIB-lening.
Dat kan een lucratief spoor zijn. Zo ontving Spanje een lening van 14 miljard euro voor hogesnelheidslijnen. Ook de Nederlandse hogesnelheidslijn ontving honderden miljoenen euro’s. Maar geld lenen kost geld. Nederland moet de lening netjes terugbetalen. En, de EIB financiert nooit het hele bedrag. Het kabinet moet dus alsnog op zoek naar geld.
Dit artikel verscheen in de Dagvangst. In de editie van vanochtend ook artikelen over de Europese cyberveiligheid, Europese onafhankelijkheid op gebied van medicijnen en nieuws belasting betalen als je investeert over de grens.
Elke ochtend het opvallendste Europese nieuws in je mailbox? Neem een abonnement.