Europees actieplan moet mestprijzen laten dalen

De mestprijzen moeten zo snel mogelijk omlaag en de Europese voedselzekerheid mag niet lijden onder de huidige prijzen. Dat is de centrale boodschap van het Europese mestplan dat vandaag is gepresenteerd in Straatsburg.

4 min. leestijd

In een half jaar tijd is de prijs van kunstmest in Nederland met ongeveer 25 procent gestegen en vergeleken met de gemiddelde prijs in 2024, kostte mest op basis van stikstof in april 60,7 procent meer. Hoewel de landbouwproductie op dit moment nog niet is afgenomen, vreest Brussel dat dat niet zo zal blijven. 

“De meststoffen zijn nog nooit zo onbetaalbaar geweest”, waarschuwde Eurocommissaris voor Landbouw en Voedsel Christophe Hansen vandaag in Straatsburg. “Dat zal leiden tot hogere voedselprijzen, die niet meer dalen.” Hij stelt dat boeren binnenkort keuzes moeten maken voor het volgende seizoen. Als Brussel een helpende hand wil bieden, moet dat dus nú gebeuren. Vandaag presenteerde de Commissie daarom een heus actieplan voor mest, waar een paar minuten later al over werd gedebatteerd door het Europees Parlement.

Zorgen

Het plan bestaat uit 25 maatregelen. “In Europa is het aanbod in principe niet in het gedrang”, benadrukte Hansen. Daar hebben we geluk mee: in andere delen van de wereld zorgen de gas- en olietekorten al voor een afnemende productie. “Onze grote zorgen gaan vooral over de betaalbaarheid en voorspelbaarheid van kunstmest.”

Door de oorlog in Oekraïne had de mestsector al een flinke knauw gekregen, waarvan de sector nog steeds niet volledig is hersteld, aldus de Commissie. De prijzen van kunstmest zijn voor 70 procent afhankelijk van de gasprijzen, die momenteel niet al te gunstig zijn. Om de sector in de toekomst weerbaarder te maken, richt het actieplan zich daarom zowel op de korte als op de lange termijn. 

Daarnaast wil Brussel een grotere rol gaan spelen in de wereldwijde voedselveiligheid. Eerder waarschuwde de VN al dat stijgende mestprijzen voor wel 45 miljoen mensen extra hongersnood kan betekenen. De EU onderzoekt daarom mogelijke samenwerking met andere regio’s.

Betaalbaarheid

Dan naar het plan. Allereerst wil Brussel zo snel mogelijk iets doen aan de hoge mestprijzen. Met een tijdelijke, gerichte aanpak moeten boeren moeten op zijn minst een gedeeltelijke vergoeding ontvangen voor de hogere mestprijzen, omdat zij deze lasten niet zelf kunnen dragen. 

Op hoeveel geld kunnen zij dan precies rekenen? Dat antwoord blijft de Commissie schuldig. “Uit het jaarlijkse Landbouwbudget is 200 miljoen euro beschikbaar, maar er zitten nog aanvragen in de pijplijn”, stelt een ambtenaar van de Commissie. Daarnaast wordt er extra geld uitgetrokken voor de landbouwreserves. Het financiële pakket wordt voor de zomer gepresenteerd. 

Lidstaten krijgen in ieder geval meer flexibiliteit om extra subsidies aan boeren te geven. De Commissie hamert er daarbij ook op dat de nu al beschikbare middelen, zoals het State Aid Framework, ten volle worden benut. Brussel hoopt bovendien dat voedingsstoffen uit mest met nieuwe technieken kunnen worden hergebruikt. De voorbereidende maatregelen voor deze regels worden al getroffen.

Als de nood echt te hoog wordt, kan de Commissie als laatste redmiddel Imera van stal halen. In dat geval mag Brussel de aanvoer en aankoop van mest coördineren, om te voorkomen dat de interne markt instort. Dit noodinstrument is daarentegen pas recent gelanceerd en het is nog maar de vraag of en hoe het zal worden toegepast. Wanneer is de nood hoog genoeg? 

Nitraatrichtlijn

Het is in ieder geval de bedoeling dat de mestsector minder afhankelijk wordt van de geopolitieke situatie en niet meer bij iedere crisis uit balans raakt. “Dit mag niet opnieuw gebeuren”, stelt de Commissie tijdens de briefing over het actieplan. Daarom moet de Europese markt, samen met producenten en boeren, beter gaan samenwerken om sneller te kunnen ontwikkelen en groeien, vooral op het gebied van biologische mest of mest met een lage koolstofuitstoot. 

Want ja, de Commissie stapt niet af van zijn eigen doelstellingen. Het emissiehandelssysteem ETS en koolstofgrenscorrectie CBAM zullen blijven gelden. Mest heeft al lagere marges dan andere sectoren, stipt een ambtenaar van de Commissie daarbij aan. Een herziening van de nitraatrichtlijn – waar onder meer de boerenorganisatie LTO Nederland voor pleitte – zit er dan ook voorlopig niet in. 

Dat is in ieder geval tegen het zere been van de buiten het Europees Parlement protesterende boeren. Volgens Sander Smit (BBB) is het meststoffenplan een grote tegenvaller. “Het laat zien hoe ver Brussel van de boerenpraktijk staat.” Hij had, evenals de protesterende boeren, gehoopt dat de Commissie met voorstellen voor een nieuwe, soepelere nitraatrichtlijn zou komen. “Renure alleen is niet voldoende”, aldus Smit.