Europarlementariër Van Lanschot wil sterke EU-pijler binnen NAVO: ‘Lidstaten moeten verder kijken dan hun neus lang is’

Europarlementariër Reinier van Lanschot (Volt) wil geen NAVO zonder de Verenigde Staten. Toch moet Europa zich voorbereiden op het scenario dat zij er alleen voor komt te staan. Hij verzamelde dertig medestanders en probeert ook de lidstaten achter zijn plan te krijgen.

3 min. leestijd
Europarlementariër Reinier van Lanschot (vierde van links) presenteert zijn plan aan de media.

“Als iemand denkt dat Europa zichzelf kan verdedigen zonder de Verenigde Staten, keep on dreaming.” De harde woorden van NAVO-baas Mark Rutte is Europarlementariër Reinier van Lanschot (Volt) niet vergeten. Hij besloot de oud-VVD’er zijn ongelijk te bewijzen. Van Lanschot doet een oproep aan de lidstaten: “Het merendeel van de Europeanen, het Europees Parlement en de Europese Commissie willen een Europese defensie, alleen de lidstaten werken tegen.”

Flitsmacht

Van Lanschot wil een manier vinden waarop Europa zichzelf kan verdedigen, zonder te breken met de VS. Hij verzamelde in mum van tijd dertig Europarlementariërs uit vier verschillende fracties om zich heen met soortgelijke ambities. Hoe de Europese defensie er precies uit moet komen te zien is nog niet helemaal duidelijk, maar dat is volgens Van Lanschot voor nu geen prioriteit. “Over de belangrijkste zaken zijn we het eens.”

Van Lanschot en zijn collega’s willen het liefst een sterke Europese tak binnen de NAVO. Op dit moment zijn de communicatiesystemen, hoofdkwartieren, commandostructuren, flitsmacht en enablers (bijvoorbeeld satellieten) in handen van de Amerikanen, maar de EU moet hier ook over gaan beschikken. Het doel: een Europese flitsmacht die binnen tien dagen kan reageren op een aanval.

Lidstaten verdeeld

Momenteel saboteren de lidstaten de integratie van de Europese defensie. “Voor de camera zijn ze allemaal heel ambitieus, maar uiteindelijk krabbelen ze allemaal terug.” Dat doen ze bijvoorbeeld om hun eigen industrie te beschermen. “Frankrijk beschouwt 97 procent de overheidsinkopen van nationaal veiligheidsbelang, geld dat ze via een Europese uitzondering in eigen land mogen uitgeven”, legt van Lanschot uit. “Zelfs de onderbroeken van de militairen.”

Ook Europarlementariër Thijs Reuten (Pro) hekelt de houding van de lidstaten: “Zo verenigd als het Europees Parlement denkt over de Europese defensie, zo verdeeld zijn de lidstaten.” Reuten vindt dat er iets fundamenteel moet veranderen in de hoofdsteden. “Er is een andere mindset nodig, met alleen geld uitgeven bouw je geen afschrikking op.” En er is haast geboden. Wat de Europarlementariër betreft is het geen vijf voor twaalf maar al ver na middernacht.

Hoe concreet het voorstel van Van Lanschot en zijn medestanders gaat worden en hoe ver hij het gaat schoppen moet nog blijken. Een moment met de pers was de eerste aanzet. Op 9 mei, niet toevallig Europadag, verschijnt de oproep van de Europarlementariërs in meerdere internationale kranten. Ook Reuten en Bart Groothuis (VVD) ondertekenden de oproep.

Dit is een artikel uit onze nieuwsbrief Veiligheid & Defensie.