In Frankrijk broeit het. Op de protesten van scholieren zijn massale rellen en plunderingen gevolgd. Het politieke centrum toont zich onmachtig om toekomstgerichte hervormingen door te voeren; de flanken zijn aan de winnende hand. Door de oplopende overheidsschuld moet het land nu een hogere rentevoet dan Griekenland betalen.
Hoe kan Frankrijk uit deze impasse raken en het pad naar sociaal-economische vooruitgang hervinden? Onlangs hebben niet alleen de Europese Commissie (met landspecifieke aanbevelingen in het kader van het Europees Semester) maar ook de OESO en het IMF waardevolle adviezen gegeven.
De analyses van de drie lopen sterk parallel. Als het overheidstekort van ruim vijf procent van het bbp de komende jaren niet onder de drie procent (de ‘Brusselse norm’) wordt gebracht, dreigt de overheidsschuld (nu 118 procent van het bbp) te ontsporen. Voor verlaging van het tekort kun je in principe aan twee knoppen draaien: belastingverhoging en of bezuinigen.
In Frankrijk is de belastingdruk met 44,3 procent van het bbp al hoog – boven het EU-gemiddelde van 40 procent. De invoering van een extra belasting voor superrijken – de Zucman-taks – zou wat extra geld kunnen opbrengen. Maar de belastingen op arbeidsinkomen en op productief kapitaal zijn al (te) hoog en vragen om verschuiving van die druk naar consumptie.
Aan een verlaging van overheidsuitgaven is niet te ontkomen. Die bedragen 57 procent van het bbp; ver boven het EU-gemiddelde van 49,5 procent. En dan kom je al snel uit bij de pensioenuitgaven. Deze beslaan zowat vijftien procent van het bbp. En met de toenemende vergrijzing wordt dat almaar meer.
Pogingen om de pensioenleeftijd stapsgewijs te verhogen, van 62 naar 64 jaar, zijn vastgelopen. Ook al neemt de levensverwachting in La douce France nog steeds toe. De 65-jarige van nu heeft gemiddeld nog 24 levensjaren voor de boeg, terwijl het aantal werkenden dat zijn of haar oude dag moet financieren voortdurend daalt (zie grafiek).

Frankrijk zou zijn geld veel meer moeten zetten op het goed opleiden en begeleiden naar werk van jongeren, in het bijzonder met een migratieachtergrond. De jeugdwerkloosheid is hoog, net als de tekorten aan vaardig personeel. Die remmen de economische groei. En het bestuur van het land zou een vereenvoudigingsslag kunnen gebruiken.
De administratieve complexiteit is groot, met talloze overlappende verantwoordelijkheden van diverse overheidslagen. Bijzonder dat Frankrijk maar liefst 35.000 burgemeesters telt. Dat verkleint de afstand tot de burger, maar helpt kennelijk niet om de brug te slaan naar een toekomstbestendig beleid.