Brussel wil beter dierenwelzijn en meer veevoer van eigen bodem, veestapel hoeft niet verder te krimpen

De Europese Commissie belooft met de veehouderijstrategie ruimere hokken voor kippen en varkens en minder afhankelijkheid van geïmporteerd veevoer. De Europese veehouderij is een succesverhaal en dat moet zo blijven, is de boodschap.

4 min. leestijd
Kippen in een stal, onderwerp van de nieuwe Europese dierenwelzijnsregels
(Foto: iStock).

Minder afhankelijk worden van geïmporteerd veevoer, een einde aan de meest beknellende kooien voor kippen en varkens, en een sector die “uitmuntend” in de markt moet worden gezet: de Europese Commissie presenteert vandaag een langverwachte veehouderijstrategie en een eiwitplan. Concrete en bindende doelen ontbreken echter grotendeels, op de twee aangekondigde wetsvoorstellen voor dierenwelzijn na. “Onze veehouderij is een succesverhaal”, zei Eurocommissaris Christophe Hansen tijdens de presentatie van de plannen. “Maar dat succesverhaal staat onder druk.”

Afhankelijkheid afbouwen

De strategie heeft als doel om Europa minder kwetsbaar te maken voor geopolitieke schokken. Daarbij kijkt de Commissie met name naar de import van veevoer. Het overgrote deel, zo’n 75 procent, komt vooral uit landen als de Verenigde Staten, Brazilië en Argentinië. Dat zijn landen waarmee de handelsrelatie soms moeizaam verloopt. Om de afhankelijkheid af te bouwen stelt de Commissie een “benchmark” voor: in 2035 moet 35 procent van het veevoer van eigen bodem komen. Bindend is die doelstelling echter niet, benadrukt een EU-functionaris.

Om die doelstelling te halen, komen er stimulansen voor boeren om peulvruchten, soja en andere eiwitgewassen te telen. Het geld hiervoor moet vooral komen uit bestaand EU-onderzoeksgeld en uit instrumenten binnen het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. Lidstaten worden door Europa gelijktijdig aangespoord om te investeren in opslag en verwerking van deze producten. 

Ook wil de Commissie de import verbreden. Volgens de EU-functionaris schaalt Oekraïne de productie van eiwitrijk veevoer al op. Oekraïne heeft niet alleen een toekomst met de EU, maar volgens de functionaris ook al een gedeeld heden.

In de strategie staat verder dat Europese producten een betere promotie moeten krijgen. Er moet duidelijker gecommuniceerd worden dat Europese producten “uitmuntend” zijn. Ook moet de weerbaarheid beter: daarmee doelt de Commissie op beter risicobeheer bij dierziekten en vaccinatie op wetenschappelijke basis.

Uitstoot

Een van de dossiers die boven de hele strategie hangt, is de uitstoot van de veehouderij in Europa. Volgens het Europees Milieuagentschap is de sector goed voor meer dan 65 procent van de totale broeikasgasuitstoot van de Europese landbouw. In de strategie staat vooral dat de Commissie inzet op betere metingen op bedrijfsniveau om de uitstoot van schadelijke stoffen vast te stellen. Verder zet de Commissie vooral in op innovatie: meer methaanreducerend voer, methaanarme rassen en beter mestmanagement. Ook dit is vrijblijvend. Of de veestapel moet krimpen? Daar spreekt de Commissie zich niet over uit. Daar is BBB-Europarlementariër Jessika van Leeuwen blij mee: “Geen verdere krimp van de veestapel. Kijken jullie mee in Den Haag?”

Onlangs paste het Voedingscentrum de Schijf van Vijf in Nederland aan door ook te kijken naar de klimaatimpact van voedsel: meer plantaardig, minder vlees, is de kernboodschap. In Europa klinkt die boodschap niet door. Van een oproep tot minder vleesconsumptie is geen sprake. Het eiwitplan, dat gelijktijdig met de veehouderijstrategie wordt gepresenteerd, moet consumenten vooral “geïnformeerde keuzes” laten maken, aldus de EU-functionaris, en mag niet worden aangegrepen om diëten te sturen.

Nieuwe wetten

Hoewel de plannen weinig concrete doelstellingen bevatten, kondigt de Commissie wel twee wetsvoorstellen aan. De dierenwelzijnsregels worden herzien: eind 2026 voor pluimvee, in het tweede kwartaal van 2027 voor varkens. 

Voor kippen betekent dit het einde van de laatste toegestane kooivarianten (de zogeheten verrijkte of koloniekooien) en een verbod op het doden van eendagshaantjes, dat dankzij nieuwe technologie al vóór het uitbroeden kan worden voorkomen. Voor varkens gaat het vooral om de kraamkooien waarin zeugen tijdens en na het werpen worden vastgezet; die moeten plaatsmaken voor ruimere hokken waarin de zeug vrij kan bewegen. Beide wetten moeten bovendien gelden voor geïmporteerd vlees, dat straks aan gelijkwaardige welzijnseisen moet voldoen.

In Nederland zijn de koloniekooien en kraamkooien op dit moment niet verboden. Wel heeft het vorige kabinet een convenant ondertekend met daarin afspraken om tot een ‘dierwaardige veehouderij’ te komen.

Benieuwd naar de reactie vanuit Den Haag op deze strategie? Volg het op de voet met een abonnement op de Nieuwsbrief Landbouw en Visserij. Daarin praat hoofdredacteur Bert van Slooten je elke twee weken bij met al het landbouwnieuws.