Uitzonderingspositie Nederlandse boeren lijkt voorbij

Dierlijke mest met een te hoog stikstofgehalte mag binnenkort waarschijnlijk niet meer in Nederland gebruikt worden.

3 min. leestijd

De uitzonderingspositie voor Nederlandse boeren die hen de mogelijkheid geeft dierlijk mest met een te hoog stikstofgehalte te gebruiken, komt vermoedelijk te vervallen. In die uitzonderingspositie mogen Nederlandse landbouwers 250 kilogram stikstof per hectare gebruiken, terwijl het Europees maximum 170 kilogram is. ‘Derogatie’ is de vakterm voor deze uitzonderingspositie. Nederland zette tot voor kort in op een verlenging van deze derogatie, maar nu lijkt de Nederlandse overheid de handdoek in de ring te hebben geworpen, meldt het Financiële Dagblad. In plaats van een verlenging van de uitzonderingspositie, is de Nederlandse inzet nu een overgangsperiode van vier jaar, zodat de nieuwe regels niet vanaf de ene op de andere dag gelden.

Zo lijkt het einde van de uitzonderingspositie uiteindelijk in zicht. Eind april riep de Landbouw- en Tuinbouworganisatie Nederland al op om snel duidelijkheid te geven aan de Nederlandse boeren. Of de uitzonderingspositie ook in de periode 2022-2025 zou blijven bestaan, was toen nog onduidelijk. Of het Nederland nu lukt om een deal te maken met de Europese Commissie is ook nog niet helder, maar een beslissing lijkt aanstaande. Zij het niet de beslissing waar de agrarische sector op hoopte, namelijk de uitzonderingspositie met vier jaar verlengen.

Omdat de onderhandelingen over de verlenging van de Nederlandse uitzonderingspositie nog bezig zijn, kan het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit de berichtgeving niet bevestigen. Dat vertelde Landbouwminister Staghouwer (ChristenUnie) ook aan boerderij.nl: “We zijn nog in onderhandeling met Brussel. Ik heb al vaak gezegd dat ik blij ben dat we die onderhandelingen voeren en dat we in gesprek zijn met elkaar. Ik ga niet vooruitlopen op welke uitslag dan ook. Ik heb de berichten ook gezien, maar ik ga daar niets over zeggen.”

Gevolgen

Het stopzetten van de Nederlandse uitzonderingspositie zou grote gevolgen hebben voor de landbouwsector. Zoals Europarlementariër Bert-Jan Ruissen (SGP) in april ook al tegen Brusselse Nieuwe zei, zou het een forse lastenstijging betekenen voor de boeren, die in de toekomst meer kunstmest zullen moeten gebruiken in plaats van de dierlijke mest met een te hoog stikstofgehalte. Die kunstmest is – hoofdzakelijk door de hoge prijzen van gas dat in het productieproces gebruikt wordt – erg duur. Overschakelen op kunstmest kan tot twee derde van het inkomen van een melkveehouder kosten, meldde LTO Nederland eerder.

“Ik vind dat Nederland moet blijven knokken, ook voor de lange termijn”, zegt Ruissen. “Volgens mij is dat de officiële lijn die de minister aan de [Tweede] Kamer heeft uitgedragen. En ik zou hem willen oproepen: blijf dat ook vooral doen.” Want, zegt Ruissen, het wegvallen van de Nederlandse uitzonderingspositie levert per saldo geen winst op voor het milieu. “Het gaat boeren enorm veel kosten, daarom is het van belang om de derogatie overeind te houden.”

Omdat het ministerie van Landbouw nog niet officieel bekend maakte dat het inderdaad niet meer inzet op verlenging van de Nederlandse uitzonderingspositie, wil Ruissen daar nog niet op reageren. “Als dit inderdaad de lijn is, vind ik dat een onverstandige keuze,” zegt hij wel. “Voorlopig heb ik vooral veel wanhopige boeren aan de lijn.”

Nederland is overigens niet het enige land met een uitzonderingspositie voor het gebruik van dierlijke mest met een hoog stikstofgehalte. Dat geldt ook voor Denemarken, Ierland, Duitsland en regio’s in België en Italië.

Het gras is altijd groener bij de buren.
Verken je horizon en ga ook eens vissen in een andere vijver!

Word lid Meer informatie