Slap Europees alternatief voor Chinese zijderoute

Door Fred Sengers

Afgelopen week presenteerde de Europese Commissie het Global Gateway-initiatief, waarmee in de komende vijf jaar wereldwijd 300 miljard euro beschikbaar komt voor grote, duurzame projecten. Dat lijkt een hoop geld, maar zonder duidelijke doelstellingen en harde keuzes dreigt versnippering. En niet iedere prioriteit is in Nederlands belang.

Tot 2027 wil de Commissie zestig miljard euro per jaar aan krediet mobiliseren. Dat geld komt uit de EU-begroting (18 miljard), van de lidstaten, van Europese instellingen zoals de Europese Investeringsbank en het Europees Fonds voor Duurzame Ontwikkeling en -onzekere factor- de private sector.

Het aanbod van Europa

Helemaal nieuw is het plan niet; het werd al in april aangekondigd. Maar het is nu geconcretiseerd en van een aansprekend label voorzien. Het initiatief is “Europa’s aanbod om de wereld te verbinden met investeringen en samenwerkingsverbanden”. Concreet is het krediet bedoeld voor investeringen in infrastructuur en transport, digitalisering, klimaatmaatregelen en energietransitie, onderwijs en gezondheidszorg in Afrika, Azië en Zuid-Amerika. 

En hoewel het land nergens met naam genoemd wordt, moet het initiatief ook een tegenwicht vormen voor China’s Gordel- en Weginitiatief, de Nieuwe Zijderoute. Alles ademt dat Global Gateway bedoeld is als alternatief voor China die de yuans laat rollen om zijn belangen wereldwijd veilig te stellen en daarmee invloed koopt.

Belangrijke randvoorwaarden van Global Gateway zijn duurzaamheid, democratische waarden, goed bestuur en transparantie. Regeringen in opkomende economieën zullen opgetogen zijn dat er wat te kiezen valt, maar bedacht moet worden dat China’s populariteit als kredietverstrekker mede te danken is aan een beleid van geen lastige vragen stellen.

Iedereen tevreden

Er is binnen Europa positief op het plan gereageerd omdat het een grabbelton van goede bedoelingen is. Iedereen kan er wel iets van zijn gading vinden. Dat is goed voor het draagvlak, maar gaat problemen geven in de uitvoering. 300 Miljard is geen kleingeld, maar met vijf prioriteiten, drie continenten en een onderliggend motief is versnippering geen denkbeeldig gevaar.

Wil Global Gateway een succes worden, kunnen er beter harde keuzes worden gemaakt. Wie de Europese voedsel-, energie- en grondstoffenzekerheid het belangrijkste vindt, zal heel gericht over de wereld moeten investeren, bijvoorbeeld in zeldzame aardmetalen. Wie migratie als prioriteit heeft, zal willen investeren in economische ontwikkeling en betere leefomstandigheden aan de randen van Europa. Wie Europa’s interconnectiviteit wil verbeteren zal dat ook primair in de regio doen (of -niet genoemd door de Commissie- in (aspirant-)lidstaten in Centraal- en Oost-Europa). Wie China’s groeiende invloed in de wereld vreest, zal wellicht het continent prioriteren waar de Chinezen nu vrij spel hebben: Afrika. 

Tijd voor Nederlandse keuzes

De demissionaire regering in Den Haag is de laatste tijd vooral met zichzelf bezig (en treuzelt met plannen voor die andere zak met geld: het Europees Herstelfonds), maar zal toch zijn stempel op Global Gateway moeten drukken. Voor een handelsland als Nederland met relatief weinig maakindustrie en sterk in transport en distributie, lijkt het versterken van de infrastructuur een voor de hand liggende prioriteit. Uiteindelijk profiteren transport-hubs het meest van het versterken en vereenvoudigen van handelsstromen.

Als het Euraziatische interconnectiviteit betreft kan overigens beter met China worden samengewerkt dan dat de concurrentie wordt aangegaan. Afstemming garandeert meer effectiviteit van investeringen, waarbij afgesproken kan worden uit elkaars directe invloedsferen te blijven. Neemt de invloed van China binnen en rond de EU toch nog af.