In het geval dat Europa Groenland te hulp zou schieten bij een Amerikaanse aanval, wie neemt de wapens op en op welke voorwaarden? En om de discussie helder te houden: over welke afspraken hebben we het dan? En wat doen we met de strafheffingen die president Trump onder andere ons land oplegt? Het zijn hoogst actuele vragen, waarbij steevast twee paragrafen van het NAVO-verdrag en dat van de Europese Unie genoemd worden: Artikel 5 en artikel 42.7, daar draait het om. Aangezien Groenland onderdeel is van het koninkrijk Denemarken, zijn beide artikelen van toepassing. Artikel 5 is het bekendste. Een aanval op één is een aanval op allen. Maar de vraag is of de bondgenoten kunnen reageren als één van de aangesloten landen zelf de aanval uitvoert. De Deense premier Frederiksen noemde dat onlangs het einde van de NAVO.
Maar er is nog een, minder bekend artikel. In het verdrag van Lissabon (de basis van de huidige EU) staat artikel 42.7, dit is de tekst:
Indien een lidstaat op zijn grondgebied gewapenderhand wordt aangevallen, rust op de overige lidstaten de plicht deze lidstaat met alle middelen waarover zij beschikken hulp en bijstand te verlenen overeenkomstig artikel 51 van het Handvest van de Verenigde Naties. Dit laat het specifieke karakter van het veiligheids- en defensiebeleid van bepaalde lidstaten onverlet.
De verbintenissen en de samenwerking op dit gebied blijven in overeenstemming met de in het kader van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie aangegane verbintenissen, die voor de lidstaten die er lid van zijn, de grondslag en het instrument van hun collectieve defensie blijft.
Maar wat is solidariteit?
Moet je dan militair te hulp schieten? Komende week debatteert het Europees Parlement over een rapport van de Nederlandse Europarlementariër Thijs Reuten die voorstelt om duidelijke afspraken te maken over wanneer en op welke manier landen elkaar helpen. “De steun kan breed geïnterpreteerd worden. Het kan gaan om medische steun, financiële steun, het leveren van wapens, maar ook het sturen van eigen troepen. En bij die brede interpretatie ligt het probleem”, zo schrijft Reuten in zijn rapport over de toekomst van de Europese defensie.
Volgens de huidige regels zou het zomaar kunnen dat bij een eventuele inval van Amerika EU-landen Denemarken alleen helpen door de aanval te veroordelen of door extra kogelvrije vesten te sturen. Ze zouden daarmee voldoen aan de huidige afspraken. Het rapport stelt dus voor om van tevoren vast te stellen welke verplichtingen EU-landen hebben om elkaar te helpen. Daarmee moet het, mits EU-landen dat afspreken, meteen duidelijk zijn voor vijanden dat als ze één EU-land aanvallen ze ook te maken krijgen met de krijgsmachten van andere EU-landen. “Solidariteit kan niet vaag blijven”, stelt Reuten.
Is het een echt artikel vijf?
Dat is de vraag. Op zich kan artikel 42.7 door één land worden ingeroepen. Als de Denen zeggen dat ze er een beroep op doen dan geldt het meteen. In 2015 deed Frankrijk na de aanslagen in het land (door IS) een beroep op de clausule. Maar juridisch is het niet helemaal waterdicht. Groenland is dan wel onderdeel van Denemarken, maar het land heeft in 1985 de EU (de Europese Economische Gemeenschap; EEG) in 1985 verlaten. Een Groexit en werd daardoor een overzees gebiedsdeel, zoals het in de Brusselse taal heet. En de vraag is of alle defensiebepalingen die in de EU geldig zijn, ook voor Groenland opgaan.
Probleem is verder dat er geen jurisprudentie is, oftewel er is nog geen rechter die heeft getoetst of de verdragen ook voor Groenland gelden. En een rechterlijke uitspraak tijdens een conflictsituatie is niet alleen veel te laat, maar ook hoogst ongebruikelijk. En met de druk die Trump dus heeft opgevoerd en de suggestie dat hij Groenland binnen enkele weken in z’n bezit wil hebben, kan de vraag om hulp binnen enkele weken gesteld worden. En dan wordt het buigen of barsten.
Onduidelijk
Over de nieuwe strafheffingen is nog veel onduidelijk. Trump spreekt over tien procent voor Denemarken, Noorwegen, Zweden, Frankrijk, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Nederland en Finland, omdat militairen meedoen aan de verkenningsmissie. Overigens staat België niet in het rijtje. De Belgen sturen maar één militair, misschien is dat te weinig. Of Trump is onze zuiderburen gewoon vergeten. En dan zijn importheffingen voor EU-landen makkelijk te omzeilen. Goederen kunnen de grens over, zodat ze op papier uit een ander land komen. Het is moeilijk te controleren.