Brusselse Nieuwe maakt de balans op | Europese zorgen over recht van de sterkste

In de eerste dagen van 2026, schudde de wereldpolitiek op haar grondvesten: De Verenigde Staten lanceerden een militaire operatie in Venezuela die brak met de traditie van een wereldorde gebaseerd op internationaal recht. De EU – gebouwd op internationale verdragen – keek verbijsterd toe.

3 min. leestijd
(Bron foto: iStock)

Direct na de militaire operatie en de daarop volgende reactie van President Trump waarin hij stelde dat de VS Venezuela “tijdelijk zou besturen”, begon de discussie over wat internationale regels nog waard zijn. In Brussel en Den Haag klonken kritische geluiden: internationaal recht is geen vrijblijvende suggestie, maar een fundament van de wereldorde, dat nu wordt ondermijnd. Sommigen spraken van een terugval naar tijden waarin macht bepaalt wat recht is – het recht van de sterkste – de norm zou zijn, niet de Verenigde Naties of internationale verdragen.

Wereldorde

De identiteit van de Europese Unie bestaat grotendeels uit internationale regels, mensenrechten en samenwerking, daarom was de aanval op Venezuela een behoorlijke schok. De shock werd vergroot toen President Trump zijn wens herhaalde om het strategisch gelegen Groenland, een autonoom deel van het Koninkrijk Denemarken, onder Amerikaanse controle te krijgen en weigerde militaire opties uit te sluiten. De reacties vanuit de EU bleven in eerste instantie voorzichtig. Vanuit Brussel geen harde kritiek op Washington, deels uit vrees de trans-Atlantische relatie te beschadigen. Een gezamenlijke EU-verklaring riep op tot respect voor internationaal recht, maar ontweek directe veroordeling van de VS.

Die voorzichtigheid heeft niet alleen te maken met geopolitieke loyaliteit. Europa is afhankelijk van samenwerking met de VS op het gebied van veiligheid en digitalisering. EU-functionarissen benadrukken dat een wereld waarin grootmachten kiezen voor geweld boven dialoog, de huidige op regels gebaseerde wereldorde – waarop de EU steunt – ernstig onder druk zet.

Twijfels en kansen

In Nederland klonken gemengde geluiden: Kamerleden van GroenLinks-PvdA en de Partij voor de Dieren veroordeelden de militaire actie als een schending van het internationaal recht en riepen op tot een duidelijk Europees signaal. Andere partijen waren milder. PVV-leider Geert Wilders toonde zich onverschillig tot enthousiast over Trumps optreden, terwijl VVD en D66 zich concentreerden op de veiligheid van Nederlanders op de Caribische eilanden, dicht bij Venezuela. Later op woensdag volgt een Kamerdebat over de kwestie.

Ook in Brussel mengen Nederlandse politici zich levendig in de discussie: Linkse fracties wijzen op de noodzaak om internationaal recht te verdedigen tegen machtspolitiek, terwijl andere Europarlementariërs voorzichtig zijn met te harde kritiek op de VS. PVV-Europarlementariër Sebastiaan Kruis wil juist dat de EU van de situatie gebruik maakt. Hij stelde vragen aan de Commissie om de banden met het ‘nieuwe’ Venezuela aan te halen.

En ook BBB-Europarlementariër Sander Smit ziet kansen: Hij deelde een bericht op X dat inging op de relatie die Nederland in de jaren 50 met Venezuela had. Nederlandse oliebedrijven in Venezuela zouden bijgedragen hebben aan de welvaart hier in Nederland.

Wat nu?

Venezuela en de retoriek over Groenland zijn voorbeelden van het recht van de sterkste. Blijft de EU vasthouden aan de op regels gebaseerde wereldorde? Ook als ze dat steeds meer in haar eentje lijkt te doen? Of zien we de EU straks veranderen in waar het altijd voor waarschuwde? Vooralsnog zijn EU-leiders voorzichtig met conclusies trekken. Hoe dan ook zal 2026 bepalend zijn voor de toekomst van de internationale rechtsorde. Die hangt in grote mate af van de rol die de EU dit jaar zal innemen op het wereldtoneel.

Gaat het recht van de sterkste zegevieren in de wereld? Abonneer je de eerste maand gratis op onze nieuwsbrief Democratie & Rechtsorde en volg alle Europese ontwikkelingen – en de rol die Nederlanders daarin spelen – op de voet.