Bosbranden, langdurige droogte, lage waterstanden, of juist overstromingen. Deze zomer zijn de maatschappelijke kosten van klimaatverandering heel zichtbaar geworden.
Hoe kunnen we deze kosten terugdringen? Hoeksteen van het Europese klimaatbeleid is het emissiehandelssysteem (EU-ETS). Dat is in 2005 ingesteld, maar leidde jarenlang een kommervol bestaan. Vanaf 2020, nadat de EU voldoende overtollige emissierechten uit de markt had gehaald, is het echt werkzaam geworden. De grafiek laat het prijsverloop van emissierechten tussen 2009 en 2026 zien.

Half juli heeft de Europese Commissie voorstellen ingediend om het EU-ETS verder aan te passen. Die aanpassingen zijn ingegeven door het rapport-Draghi dat wees op de hoge energieprijzen in de EU die het Europese bedrijfsleven hinderen in de internationale concurrentiestrijd. Met het wegvallen van het Russische aardgas na de inval in Oekraïne (2022) is dat een probleem geworden.
De voorgestelde aanpassingen gaan niet direct in, maar gelden de periode 2031-2040. De Commissie stelt onder meer voor om het emissieplafond minder snel naar nul te brengen: niet in 2039 maar acht jaar later, in 2047. En om minder overtollige (ongebruikte) emissierechten uit de markt te halen.

De Nederlandse planbureaus CPB en PBL vinden deze voorstellen geen goed idee. Ze zouden namelijk leiden tot maar liefst 33 procent meer CO2-uitstoot van de energie-intensieve industrie in de periode tot 2050. Dat komt door een flinke verlaging van de prijs voor emissierechten: met zo’n 14 procent, pak ‘m beet € 12,50 per ton CO2 in huidige prijzen. Bovendien zal de prijs van emissierechten meer gaan fluctueren.
Tegelijkertijd gaat deze prijsverlaging voor emissierechten bedrijven weinig helpen. Als je die prijsverlaging omrekent in energieprijzen, dan wordt aardgas ongeveer 3 procent goedkoper. Dat is maar een marginaal voordeel.
De conclusie is duidelijk: versoepeling van het EU-ETS is weinig effectief om de energiekosten voor bedrijven te verlagen. Maar deze kan wel de geloofwaardigheid en goede werking van het ETS ondergraven – ten koste van flink meer uitstoot van CO2. Niet doen dus.