Zorgen in Tweede Kamer over ECB-steun aan Zuid-Europa

De Tweede Kamer maakt zich zorgen over het plan van de Europese Centrale Bank (ECB) om noodsteun te verlenen aan Zuid-Europa. Ook het kabinet heeft nog veel vragen, maar geen antwoorden.

4 min. leestijd

Tijdens het debat in de Tweede Kamer, voorafgaand aan de vaste bijeenkomst van de EU-ministers van Financiën in Brussel volgende week, zijn er veel vragen en weinig antwoorden over de steun aan Zuid-Europa. Ook binnen het kabinet zijn zorgen en vragen over de plannen van de Europese Centrale Bank, liet minister Kaag vorige week aan de kamer weten.

Bij een spoedbijeenkomst besloot de Europese Centrale Bank vorige maand om Zuid-Europese landen te gaan helpen bij schuldenafbouw. Onder andere Italië en Griekenland hebben een hoge staatsschuld, en dat kost ze door stijgende rente steeds meer geld. Om te voorkomen dat die problemen te groot worden en de verschillen tussen landen te sterk groeien waardoor de euro gaat wankelen, schiet de Europese Centrale Bank nu te hulp. De bank gaat schulden opkopen van landen in moeilijkheden.

Kamer, kabinet en Knot

Eelco Heinen (VVD) vraagt zich af of het plan van de Europese Centrale Bank niet in strijd is met de begrotingsregels. Het opkopen van schulden mag volgens het Europees Hof namelijk alleen als het evenredig over alle landen wordt verdeeld, en niet wordt gebruikt om variërende rentestanden tussen de verschillende lidstaten recht te trekken. Volgens de president van de Europese Centrale Bank Christine Lagarde is dat laatste ook niet de reden van dit plan: inflatie tegengaan blijkt het grote doel.

Maar de Kamerleden vertrouwen die redenatie niet. Pieter Omtzigt (Lid-Omtzigt) luidt de alarmbel het luidst. Hij voorziet dat de plannen van de Europese Centrale Bank averechts gaan werken, en vreest dat de actie de economische stabiliteit niet terugbrengt, maar juist verstoort en zelfs tot een eurocrisis kan leiden. Omtzigt vraagt zich af of Nederland, met de kennis van nu, wel mee had moeten doen met de Europese Unie: volgens hem waren we bij het Verdrag van Maastricht “gillend weggerend” als we een tijdmachine zouden hebben gehad.

Hij ziet de centrale bank als een soort fuik: de ECB bedenkt telkens een nieuw instrument, en “iedere keer worden de financiële risico’s voor de Nederlandse staat groter.” Hij besluit tegen de mannen in de zaal: “Als er een monetaire crisis uitbreekt, verlangen jullie terug naar alle crisissen waar we momenteel in zitten.” De stikstofcrisis, wooncrisis, bestuurscrisis en de asielcrisis zouden hierbij verbleken.

Omtzigt wil een onafhankelijk juridisch advies over het plan van de Europese Centrale Bank. Tony van Dijck (PVV), normaliter de felste tegenstem in het Brusseldebat, besluit na de inbreng van Omtzigt dat hij geen fellere tegenstand kan bieden en sluit zich helemaal bij de woorden van Omtzigt aan.

De Kamer is dus huiverig, en ook het kabinet heeft nog vragen. Wel enthousiast over het plan, is Klaas Knot, de directeur van De Nederlandsche Bank. Hij heeft vorige week opgeroepen vooral “haast te maken” met het plan van de ECB.

Instrument in opbouw

Dat opkopen van schulden gebeurt niet van de ene op de andere dag, er wordt eerst een instrument voor ontwikkeld. Hoe dat eruit komt te zien, is nog onduidelijk. Daarom is minister van Financiën Kaag terughoudend bij de bespreking van de ECB-plannen. Ze benadrukt dat het de Europese Centrale Bank in principe vrij is om te handelen, want het is een onafhankelijke organisatie: “Het is niet de bedoeling dat wij dat beleid vanuit de politiek beïnvloeden, maar we kunnen er wel een mening over hebben”. Wat die mening uit Den Haag dan precies inhoudt, is ook nog niet duidelijk.

Eelco Heinen (VVD) doet nog een suggestie om de vrees voor het Europese plan weg te nemen. Hij vraagt of Kaag met haar collega’s, de andere EU-ministers van Financiën, ervoor kan zorgen dat de opkoop van schulden geen manier wordt om de begrotingsregels te omzeilen. De hulp van de Europese Centrale Bank mag niet gezien worden als excuus om begrotingstekorten maar op te laten lopen, waarschuwt hij. Waarna Laurens Dassen (Volt) opmerkt dat Italië pas echt in de problemen komt als het zich aan de begrotingsregels moet gaan houden: dan moeten ze jaarlijks zoveel schuld aflossen dat het alsnog misloopt. Ook hierover laat Kaag zich verder niet uit, ze “wil niet op de Italiaanse stoel gaan zitten”, maar zegt vertrouwen te hebben in premier Mario Draghi.

Het gras is altijd groener bij de buren.
Verken je horizon en ga ook eens vissen in een andere vijver!

Word lid Meer informatie