De opkomst bij de Nederlandse gemeenteraadsverkiezingen ligt vaak rond de 50 procent, ook dit jaar was er een vergelijkbare opkomst: bijna 54 procent. Dit is lager dan in andere Europese landen, waar de opkomst vaak tussen de 60 en 80 procent ligt. Waardoor ontstaat dit verschil?
Motivatie
De Universiteit van Amsterdam heeft onderzoek gedaan naar de redenen waarom mensen niet stemden bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen in 2022. Uit dit onderzoek blijkt dat veel inwoners twijfelen aan het belang van de lokale politiek. Verder is er weinig betrokkenheid en hebben veel burgers weinig vertrouwen in het bestuur.
Tijdens het onderzoek voerden de onderzoekers ook gesprekken met niet-stemmers. Hieruit kwamen verschillende redenen naar voren waarom zij niet stemden: ze hebben weinig interesse in de lokale politiek, weten er vaak weinig van, vertrouwen politici minder en hebben het gevoel dat hun stem toch geen verschil maakt.
EU-landen
Het land met de hoogste opkomst in de Europese Unie is Zweden. In 2022 bracht ongeveer 84 procent van de inwoners een stem uit bij de gemeenteraadsverkiezingen. Dit kan door verschillende factoren komen. Bijvoorbeeld doordat de lokale, regionale en nationale verkiezingen op dezelfde dag gehouden worden, waardoor inwoners vaak op alle drie stemmen. Bovendien regelen gemeenten in Zweden meer zaken, waardoor bewoners het ‘nut’ van stemmen voor de gemeenteraad gemakkelijker ervaren. Zo zijn gemeenten in Zweden onder andere verantwoordelijk voor de gezondheidszorg.
In andere EU-landen, bijvoorbeeld België, geldt een opkomstplicht. Dat betekent dat kiesgerechtigde inwoners zich verplicht moeten melden bij het stembureau.
Opkomst percentages bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen EU-landen
| Land | Opkomst in % |
| Nederland (2026) | 54 |
| België (2018) | 90 |
| Frankrijk (2026) | 58 |
| Zweden (2022) | 84 |
| Bulgarije (2023) | 45 |