MIVD-baas Peter Reesink over nauwere samenwerking Europese inlichtingendiensten: ‘Vertrouwen bouw je voorzichtig op’

Elke week kiest de redactie van Brusselse Nieuwe een verdiepend verhaal uit een van onze thematische nieuwsbrieven. Deze keer uit de Nieuwsbrief Veiligheid en Defensie. MIVD-directeur Peter Reesink over Europa dat zichzelf opnieuw moet uitvinden.

3 min. leestijd
Portret van MIVD-directeur Peter Reesink.
Premium
MIVD-directeur Peter Reesink. (Foto: ministerie van Defensie).

Europa wil zelfstandiger worden van de Verenigde Staten, maar kan dat voorlopig niet zijn. Op het gebied van luchtafweer, artillerie en militaire inlichtingen is het continent nog sterk afhankelijk van een bondgenoot die steeds minder betrouwbaar blijkt. Die paradox tekent het werk van Peter Reesink, directeur van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst. Hij waarschuwde een half jaar geleden dat de vertrouwensband met Washington scheurtjes vertoont. Nu, in een gesprek met Brusselse Nieuwe, schetst hij hoe Europese inlichtingendiensten langzaam en voorzichtig de afstand proberen te verkleinen.

Hoort u onder Europese bondgenoten een luidere roep om de samenwerking te versterken?
“Sinds ik hier twee jaar geleden directeur werd zie ik de Europese samenwerking met de dag sterker worden. Dat is niet alleen een streven van dit kabinet, ook zette het vorige kabinet al stappen. Die vraag om internationale samenwerking komt ook vanuit de Europese Unie.

Hoe ziet de intensivering van de Europese samenwerking eruit?
“Dat is ingewikkeld. Niet voor mij, maar wel om in het openbaar te zeggen. Wij geven zo min mogelijk prijs over met wie we samenwerken en waarom. Maar wij werken natuurlijk samen met NAVO-bondgenoten, die samenwerking verloopt hartstikke goed. Maar ook op Europees niveau, via het EU Intelligence Center, en bij bijvoorbeeld de Maximator-alliantie (een bondgenootschap van Noord-Europese en Scandinavische landen, red.) zien we een toename in het delen van inlichtingen. Een mooie ontwikkeling.”

Neemt Nederland daarin het voortouw?
“Wij zitten niet in achterhoede. Nederland is een betrouwbare partner. De MIVD staat bekend als een goede dienst die ook wat te melden heeft. Buitenlandse diensten gaan graag met ons in zee. Het ligt ook in de Nederlandse aard dat we goed manoeuvreren tussen de grote landen als Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk.”

Europese inlichtingendiensten zijn van oudsher huiverig om inlichtingen met elkaar te delen. Wat je deelt, kan tegen je gebruikt worden. Hoe zit het nu met dat onderlinge wantrouwen?
“Dat gaat natuurlijk nooit helemaal weg. Mijn stelling is dat je vertrouwen organisch moet laten groeien: niet meteen van nul naar honderd, maar voorzichtig opbouwen. Vertrouwen is zo sterk als één incident dat het ook weer stuk kan maken.”

Ziet u nu dat het goed gaat met die voorzichtige opbouw?
“Op sommige terreinen.”

Sommige terreinen?
“Op sommige terreinen ja”, zegt Reesink, vriendelijk maar resoluut glimlachend.

Hoe zit het met de politieke ruggensteun en financiering van Europese samenwerking?
“Als ik kijk naar het Verenigd Koninkrijk, Polen, de Scandinavische landen, Duitsland en Frankrijk zie ik veel draagvlak voor het intensiveren van de samenwerking. Ook wat betreft de budgetkant zitten we in een goede tijd, al staat ‘goed’ tussen aanhalingstekens. Er komt weliswaar meer geld beschikbaar, maar dat geld is ook ergens voor nodig.”

Wat is de rol van de Europese Unie in het aanjagen van internationale samenwerking?
“Ik zie vanuit Brussel toenemende interesse in onze inlichtingen. Momenteel verzamelen nationale diensten hun ‘producten’ op één plek en spelen die door naar de Europese Commissie. De Commissie wordt dan door ons of andere nationale diensten bijgepraat op bepaalde onderwerpen. En daar is steeds vaker behoefte aan, zowel van EU-Buitenlandchef Kaja Kallas als van Commissievoorzitter Ursula von der Leyen.”

Blijft dat bij een behoefte?
“Voor nu wel. Het zou best kunnen zijn dat er bij de Europese Unie daadwerkelijk een aparte organisatie komt. Een entiteit binnen de EU die zich met inlichtingen bezighoudt.”

Dit artikel verscheen in de Nieuwsbrief Veiligheid en Defensie. Meer van dit soort verhalen? Abonneer je dan nu en ontvang elke twee weken verdiepende verhalen, interviews en nieuws rechtstreeks uit Brussel, Den Haag en de rest van Europa in jouw mailbox.