Inzichtelijker, maar niet hechter

Dat dagelijkse overleg in Brusselse vergaderzaaltjes, tussen 27 professionals die samen komen om namens hun landen gezamenlijke uitstootnormen, bouwregels of arbeidsomstandigheden te bepalen. Waar leidt dat toe? Tot betere oplossingen voor maatschappelijke problemen – maar niet tot een “steeds hechter verbond van Europese volkeren”. Tenminste, als het ligt aan de ChristenUnie. Samen met zes andere partijen steunde deze partij twee jaar geleden een motie van de christelijke mannenbroeders SGP en van de Socialistische Partij, die de regering opriep om deze beroemde zin te laten verwijderen uit het verdrag van de Europese Unie. De motie werd aangenomen.

Christendemocraten, met name politici uit de katholieke en antirevolutionaire zuil (CDA), die in de jaren vijftig aan de wieg stonden van het verdrag met de gewraakte ambitie, betreurden openlijk deze oproep van de Nederlandse Tweede Kamer. Maar de vrijgemaakt-gereformeerden en reformatorische christenen staan traditioneel ambivalent tegenover verdere Europese samenwerking. Zeker, beleid afstemmen op een aantal terreinen is goed, maar de nationale soevereiniteit staat als een paal boven water. En ook over de toekomst van de Euro bestaan binnen de ChristenUnie grote zorgen.

Formatie

Dat is pikant, omdat de ChristenUnie, naar deze week bekend is geworden, de komende weken toch weer met het euro-positieve D66 aan tafel gaat praten over een regeerakkoord. Waar in de media vooral de nadruk lag op de kloof waar het gaat om enkele medisch-ethische kwesties, raakt de uiteenlopende visie op de Nederlandse positie in de Europese Unie wekelijks de besluitvorming in de Kamerfracties. Die moeten immers de bewindspersonen hun standpunten meegeven voor hun, of beter: onze inzet in de Europese Unie. Het is dus opmerkelijk dat veel media deze ‘Europese zaken’ vaak niet, of pas als laatste noemden in het rijtje geschilpunten tussen de twee coalitiefracties.

Gelukkig staan de ChristenUnie en D66 op één Europees agendapunt zij aan zij. Beide partijen willen meer transparantie over Europese besluitvorming. Het demissionaire kabinet (met CU en D66) introduceerde in Brussel vorige week met de Duitse en Deense collega’s een Europees initiatief, de ‘Transparency Pledge’, een pleidooi voor transparantie, dus. Daarin staan voorstellen met name de wetgeving in de EU inzichtelijker te maken.

Transparantie

Want de Nederlandse regering is de enige van de 27 die reacties op Europese voorstellen en standpunten als openbare brieven naar het nationale parlement stuurt. De Eerste en Tweede Kamer zelf zijn dan ook in Europa voortrekkers van meer openheid, zodat in alle lidstaten het Europa-debat in het openbaar gevoerd kan worden. Dat komt de legitimiteit ten goede, is de gedachte achter de campagne van Nederlandse volksvertegenwoordigers, waarbij een deel van de parlementen zich de afgelopen jaren aansloot.

Maar de hamvraag is wat de inhoud wordt van die transparante besluitvorming. Als gevolg van de Duitse en Franse verkiezingen zal Europese plannenmakerij nog enkele maanden op zich laten wachten, maar daarna staan er grote besluiten op stapel over Eurobonds, Europese heffingen en de EU-begroting. Voer voor een stevig Europees gesprek aan de Nederlandse formatietafel.