De woorden worden, zoals dat gaat bij bankiers, zorgvuldig gekozen, maar de boodschap is helder. Het gaat Lagarde en de rest van de bankiers niet om alle omnibuspakketten en veranderingen. Ook de ECB wil dat de groene regels geleidelijk kunnen worden ingevoerd. Ze waarschuwen vooral tegen geluiden dat alle maatregelen onnodig zijn.
Christine Lagarde zei tijdens een debat in Frankfurt: “De afgelopen tien jaar hebben een zorgwekkende paradox aan het licht gebracht: alle nieuwe gegevens wijzen op de noodzaak om de groene transitie te versnellen, maar tegelijkertijd verliest deze aan momentum. Vorig jaar bereikte de wereldwijde CO2-uitstoot door fossiele brandstoffen recordhoogtes en nu zien we in sommige landen een ommekeer.”
Volgens de baas van de ECB heeft Europa duidelijk gemaakt dat de groene transitie meer dan noodzakelijk is. “De huidige stijging van de energieprijzen herinnert ons aan de prijs van deze afhankelijkheid”, aldus Lagarde.
“Landen waar een groter deel van de elektriciteit wordt opgewekt uit niet-fossiele brandstoffen, zoals Spanje en Portugal, zijn beter beschermd tegen stijgende gasprijzen.” En dat heeft gevolgen voor de prijzen. De ECB is dan niet genoodzaakt om de rente te laten stijgen om de inflatie (het gevolg van stijgende prijzen) te drukken.
Is de Green Deal dood?
Dat was de vraag tijdens het Hard Talk-debat afgelopen week in Nieuwspoort. Het antwoord is dat het niet zover moet komen, dat is voor niemand goed. Maar zowel het tempo waarin de afspraken werden gemaakt, als het tempo waarin nu alles wordt omgebouwd is soms ondoordacht.
Volgens Marco Mensink van de chemische industrie gingen de voorstellen van de Green Deal te ver. “Er zijn doelen gesteld, maar hoe je daar komt, is niet over nagedacht. Het was een soort Indiana Jones-beleid.” Maar met de aanpassingen staat de Green Deal nog wel overeind. Dat vindt ook Jacob Ruiter, CEO bij InnoEnergy, een van ’s werelds grootste investeerders op het gebied van hernieuwbare energie. “De Green Deal stelde een idealistisch doel, maar we zijn inmiddels behoorlijk goed onderweg”, zei hij. Maar Ruiter erkent ook dat er problemen zijn: netcongestie, elektriciteitsprijzen, stikstofproblemen, vergunningen en zwabberend politiek beleid, somde hij op.
Die problemen brengen de chemiesector in de problemen, reageerde Mensink. En daarom zijn de gestelde doelen, ondanks dat ze zijn aangepast, niet te behalen. “We moeten twee keer zoveel stroom opwekken in 2040 om te elektrificeren. Dat moet tegen een hogere prijs en die stroom moeten we vervoeren over netwerken die nu al vollopen. De kans dat het lukt, is heel erg klein. We moeten eerlijk zijn: het gaat heel veel geld kosten.” Ruiter reageerde: “We weten al 35 jaar dat we meer moeten investeren in ons elektriciteitsnetwerk. We kijken al 35 jaar in de koplampen, maar bleven verstijfd staan, en nu gaat het mis.”
Er moet meer geïnvesteerd worden, daar is ook Europarlementariër Bas Eickhout het mee eens. De voorman van Pro Europa (GroenLinks-PvdA) haalt een van de architecten van de Green Deal aan, die ooit fractieleider van de PvdA was. “Er hoort een eerlijk verhaal bij.”
En dat eerlijke verhaal is dat het niet gaat lukken om alle industrie te behouden (en dus de werkgelegenheid). Alle industrie overeind houden gaat niet lukken. “We moeten op Europees niveau nadenken wat we waar nodig hebben.” Eickhout stelt dat de regeringsleiders daar ondertussen ook zo over denken.