Het was geen makkelijke zomer voor Ursula von der Leyen en de Europese Unie. Ze sloot een handelsdeal met de Verenigde Staten waar veel kritiek op kwam, het voorstel voor de nieuwe begroting werd met argwaan ontvangen en bij de twee grote oorlogen – tussen Rusland en Oekraïne en tussen Israël en Hamas – lijkt Europa nauwelijks een rol te spelen.
In Duitse media werd met veel gevoel voor dramatiek al geschreven dat Europa, zoals we het kennen, voorbij is. Ook Mario Draghi (de oud-premier van Italië) hield in Rimini een toespraak waarin hij zich somber uitliet over de toekomst zolang Europa blijft doormodderen. Maar als de 27 lidstaten zich aanpassen, is er volgens hem nog een sprankje hoop.
“Europa is slecht toegerust op een wereld waarin geopolitiek, economie, veiligheid en controle over grondstoffen de boventoon voeren”, zei de man die recent een belangrijk rapport over de toekomst van Europa schreef.
Wat is er misgegaan?
Laten we beginnen met de handelsdeal. Aanvankelijk was het verhaal dat Europa lijsten klaar had liggen met een reeks tegenmaatregelen. “De Amerikanen treffen waar het ze pijn doet”, was het uitgangspunt. Een beetje oog om oog, tand om tand. Maar na de bijeenkomst met de Amerikaanse president zijn alle mogelijke tegenmaatregelen voor een half jaar opgeschort.
Ondertussen gaan de Verenigde Staten de meeste Europese goederen belasten met een heffing van vijftien procent. Voor onder meer vliegtuigen, bepaalde chemicaliën en chipapparatuur zijn uitzonderingen gemaakt. Voor andere sectoren, zoals sterke drank, is nog veel onduidelijk. De tarieven op staal en aluminium blijven onveranderd op vijftig procent. Overigens zijn dat niet alleen algemene heffingen; ook kant-en-klare producten waarin staal of aluminium is verwerkt krijgen te maken met hogere tarieven. Het gaat om meer dan 407 producten, zoals motorfietsen, raamkozijnen, kranen en treinwagons.
In de lidstaten klinkt ondertussen gemor. Frankrijk wil de mogelijkheid hebben om digitale diensten uit de Verenigde Staten te belasten. Er wordt gedacht aan een digitale BTW. En dan is er nog de 600 miljard euro: het bedrag dat Amerika zou binnenhalen doordat de Europese Unie in de VS gaat investeren. De voorzitter van de Europese Commissie heeft onder andere beloofd dat bedrijven 600 miljard zullen investeren en dat er de komende drie jaar voor 750 miljard euro aan energie wordt gekocht in het land van president Trump.
Dat zijn vreemde cijfers
Want de EU importeerde de afgelopen jaren in totaal 375 miljard euro uit de hele wereld. Daarvan kwam ongeveer 75 miljard uit de Verenigde Staten. Die import zou dus moeten stijgen naar 250 miljard euro de komende jaren; oftewel, voortaan komt – volgens de afspraak – tachtig procent van de Europese energie uit Amerika. Daar is meer voor nodig dan alleen een paar strenge winters en een volledige boycot van Russisch gas en olie.
Bovendien kan de Europese Unie niet bepalen waar de lidstaten hun energie vandaan halen. Om te beginnen sluiten veel landen het liefst zelf (of met anderen) deals af, maar de EU is geen geleide economie waar je met een vijfjarenplan kunt bepalen wie wat waar koopt. Overheden (lidstaten) kopen niet zelf; dat doen bedrijven, met hun eigen autonomie. Maar zoals ze in Brussel zeggen: nog niet alle details zijn uitgewerkt, dus er kan nog veel veranderen.
Dan de analyse
Draghi fileerde tijdens een lezing in Rimini, georganiseerd door Communion e Liberation, de Europese politiek: “Jarenlang geloofde de Europese Unie dat haar enorme economie met 450 miljoen consumenten geopolitieke macht en internationale handelsbetrekkingen met zich meebracht. Dit jaar zal herinnerd worden als het jaar waarin deze illusie in rook opging.” Dat was zijn opening.
“We hebben ons moeten neerleggen bij de tarieven die onze grootste handelspartner en trouwe bondgenoot, de Verenigde Staten, heeft opgelegd. Diezelfde bondgenoot heeft ons onder druk gezet om de militaire uitgaven te verhogen, een beslissing die we misschien sowieso al hadden moeten nemen. De Europese Unie heeft, ondanks haar enorme financiële en militaire bijdrage aan de oorlog in Oekraïne en het enorme belang bij vrede en stabiliteit in haar achtertuin, tot nu toe een relatief marginale rol gespeeld bij de vredesonderhandelingen.”
“Ondertussen heeft China openlijk de Russische oorlogsinspanningen gesteund en tegelijkertijd zijn industriële capaciteit uitgebreid. De overtollige productie wordt in Europa gedumpt nu het land moeite heeft om naar Amerika te exporteren. Europese protesten hebben weinig effect gehad: China heeft duidelijk gemaakt dat het Europa niet als een gelijkwaardige partner beschouwt en gebruikt zijn controle over zeldzame aardmetalen om onze afhankelijkheid verder te vergroten.”
“Ook was Europa toeschouwer toen Iraanse kerncentrales werden gebombardeerd en het bloedbad in Gaza escaleerde. Deze gebeurtenissen hebben elke illusie dat economische macht ook geopolitieke macht kan garanderen, aan diggelen geslagen.”
Maar wat nu?
Kan Europa veranderen? Voor een deel zal dat blijken uit de jaarlijkse “troonrede” van Ursula von der Leyen. In deze State of the Union, die begin september in Straatsburg wordt gehouden, zal de Europese Commissie met nieuwe richtingen moeten komen. Draghi heeft alvast een paar suggesties: Hij denkt dat het kan, omdat de Europese Unie ook in het verleden in staat is geweest van koers te veranderen.
“Om de uitdagingen van vandaag het hoofd te bieden, moet de Europese Unie zich transformeren van een toeschouwer, of hooguit een bijrolspeler, tot een hoofdrolspeler. En daar hoort een andere politieke organisatie bij.” Doe meer samen, is zijn pleidooi. Laat het natie-denken varen – dus wat goed is voor je eigen land – en kijk of heel Europa er beter van wordt. Want anders gaat Europa als geheel ten onder, voorspelt hij.
En daar hoort ook een discussie over schulden bij. Volgens Draghi bestaan er goede en slechte schulden. Slechte schulden financieren de huidige consumptie en schuiven de lasten door naar toekomstige generaties. Goede schulden dienen om investeringen in strategische prioriteiten en productiviteitsverhoging te financieren. Ze zorgen voor groei.”
Maar ook dat kunnen landen niet alleen, vindt hij. En dus komt het pleidooi voor gemeenschappelijke schulden weer om de hoek kijken. Dat zal waarschijnlijk, gezien het verzet in Nederland en Duitsland, niet het hoofdthema van de State of the Union worden. Dat snapt de Italiaan, maar hij vindt dat de geschiedenis het eist. “Modellen van politieke organisaties, met name supranationale, ontstaan deels om de problemen van hun tijd op te lossen. Wanneer deze zo sterk veranderen dat de bestaande organisatie fragiel en kwetsbaar wordt, moeten ze veranderen.”
En dus is het niet het einde van Europa, zoals de Duitse kranten kopten, maar het begin van een nieuw Europa. Draghi wil graag optimistisch blijven.