Zijlstra: ”Nederland is los zand in Brussel”

Door Bert van Slooten

“Er is geen ontkomen aan de Europese Unie. Je kan wel je vingers in je oren stoppen en net doen alsof je het niet hoort, maar dan trappen ze gewoon de deur in.” Auke Zijlstra voormalig Europarlementariër voor de PVV, ziet met lede ogen de macht van Brussel toenemen. Hij wil dat het nieuwe kabinet veel harder met de vuist op tafel slaat, omdat we anders onder de voet worden gelopen.

Zijlstra had graag wat meer debatten over Europa gezien tijdens de afgelopen verkiezingscampagne. En als het dan een keer over de Europese Unie ging, waren het makkelijke discussies met veel gemeenplaatsen. “Het is ook lastig te verkopen,” zegt hij, terwijl zijn kinderen op de achtergrond hun huiswerk proberen te maken en discussiëren over wat nu wel en wat niet een ecologische voetafdruk is. “Wat verkoop je precies als je het over de EU hebt? Het is in feite een bestuurslaag, maar het heeft geen inwoners. Landen hebben burgers die er wonen en ze hebben grenzen, dat heeft de EU allemaal niet.”

Hij vindt Brussel een elitair clubje dat de hele tijd bezig is nieuwe regels bedenken, waarvan je je af kan vragen of we er op zitten wachten. “De instituten zijn machtsmachines geworden.” De tegenwerping dat de jongste eurobarometer forse steun onder de Nederlandse bevolking voor de EU laat zien, vindt hij geen goed argument. “Die vragen zijn heel erg sturend. Moet de Europese Unie meer doen aan werkloosheid, is zo’n vraag. Dan zeg je al snel ja. Dat is helemaal geen taak van de EU, maar de conclusie is vervolgens wel: een meerderheid van de burgers vindt dat Brussel meer aan sociale zekerheid moet doen.”

“Of neem Portugal; daar vindt de bevolking dat de EU meer moet doen aan gezondheidsbeleid. Nou daar schrikt het virus van, denk ik dan. Natuurlijk vinden mensen dat als het coronavirus een land in de greep heeft. Ik zou het met een korreltje zout nemen.”

Diarree

Dit soort onderzoeken heeft tot gevolg dat de beleidsmakers in Brussel zich gesterkt voelen om steeds meer wetten en regels te bedenken. “Het is, zoals oud-collega Harry van Bommel (SP) het noemde, een diarree aan regels. Er komen zoveel voorstellen dat het voor politici, of die nou in Den Haag of Brussel zitten, niet meer bij te houden is.”

Bijkomend probleem is volgens Zijlstra dat er steeds meer macht komt te liggen bij de regeringsleiders. “Neem nou het vaccin; waarom moet dat per se Europees? Er was een mooie samenwerking tussen zes landen, maar omdat de Duitse bondskanselier Merkel het wilde, moest het met 27 lidstaten samen. Is het daardoor sneller gegaan? Beter geworden of goedkoper? Ik dacht het niet. Wat is dan de meerwaarde van die samenwerking?”

Solidariteit en geld verdienen zijn ook geen argumenten waar Zijlstra van onder de indruk is. “Ieder land is wel ergens slechter in dan het gemiddelde in de EU. Zo hopen de Roemenen dat ze meer democratie krijgen door de Unie en alle voormalige Oostbloklanden applaudisseren als er plannen voor een Europees pensioen op tafel komen, want ze hopen zo dat er geld aan komt.”

“Nederland verliest. De vrachtwagenchauffeurs zijn hun baan kwijt door de interne markt. Kleine transportondernemers zijn failliet gegaan doordat Poolse ondernemingen goedkoper konden rijden, dan kan je nu wel juichen dat het salaris iets omhoog gaat, maar daar hebben al die mensen die hun baan hebben verloren niks aan.”

Oranjeberaad

Stiekem heeft hij bewondering voor de Europese partij Volt. “Ze hebben een gelikte campagne. Ziet er echt professioneel uit.” Maar hij heeft ook kritiek op de nieuwe beweging met de Paarse hesjes (de kleur van Volt). “Ze hebben een Europees programma met ruimte voor nationale accenten. Dat kan natuurlijk niet. Nederland is voor kernenergie, de Duitsers zijn tegen. Aangezien het veto in de plannen van Volt wordt opgeheven, winnen de Duitsers want die zijn groter en sterker en dus komt er dan geen kernenergie. Tot zover de ruimte voor nationale invulling.”

Hij maakt zich zorgen over de positie van Nederland. “We hebben het niet in de gaten, maar we verliezen terrein. De Fransen kunnen heel goed de nationale kaart trekken. Dat heb je gezien bij de pulsvisserij. Een mooie energievriendelijke techniek die ook nog eens goed is voor de zeebodem. Dat verloor Nederland doordat Frankrijk in z’n nationale eer werd aangetast. Die innoveren liever niet en beschermen wat er ooit was. En dus zag je dat alle Franse politici van links tot rechts de handen ineensloegen om de puls van tafel te krijgen.”

“Nederlanders werken niet zo graag samen. Er was ooit in het Europees Parlement het Oranjeberaad, onder voorzitterschap van CDA-politicus Wim van der Camp, zo’n tien jaar geleden. Ik geloof dat we twee keer vergaderd hebben om te proberen om als Europarlementariërs op één lijn te komen, maar dat is faliekant mislukt. D66 was woedend en ook de PvdA vond dat het beraad de Europese samenwerking ondermijnde. Nederland is los zand. Iedereen heeft een eigen mening, maar het nationaal belang staat nooit, zoals in Frankrijk, voorop.”