Volt: Europa komt naar Nederland

Door Caspar Bovenlander

De Tweede Kamer lijkt een opvallende nieuwkomer te krijgen: de Europese partij Volt. Het bleef lang stil rond de partij, maar de laatste twee maanden heeft Volt een opmerkelijke opmars in de peilingen gemaakt. Volt heeft al een Duitse zetel in het Europees Parlement en zit in een aantal gemeenteraden in Duitsland, Italië en Bulgarije. En deze week zou Volt in Nederland wel eens nationaal kunnen doorbreken.

Laurens Dassen en Nilüfer Gündoğan staan aan de oever van het IJ in Amsterdam met een afvalknijper en een vuilniszak in de hand. De lijsttrekker en de nummer twee zijn op campagne voor Volt Nederland. Met een klein groepje vrijwilligers ruimen ze het aangespoelde afval bij het EYE-museum op. “Het is leuk om te doen”, vertelt Dassen. “We zijn niet alleen een partij, maar ook een beweging. En daar horen dit soort initiatieven bij.”

Basisprogramma

Zeg je Volt, dan zeg je Europa. ‘Klimaat, digitale veiligheid, conflicten en vluchtelingenstromen zijn niet aan landsgrenzen gebonden’, staat te lezen bovenaan in het partijprogramma. “Covid-19 heeft laten zien hoezeer we met elkaar verbonden zijn. Hoe hard we elkaar nodig hebben om een pandemie te bedwingen.’’ Volgens Dassen moeten we loskomen van het denken in de oude ‘nationale zuilen’. In alle landen werkt Volt met hetzelfde basisprogramma.

Zo is de partij voor de invoering van Europese belastingen, om te beginnen voor multinationals en miljardairs. De Europese Centrale Bank krijgt wat Volt betreft een ruimer mandaat en moet naar het voorbeeld van de Amerikaanse FED ‘sturen op een lage werkloosheid en op een goed investeringsniveau.’

” Word je nu al herkend in de supermarkt, Laurens?”

Om de klimaatopwarming aan te pakken zet Volt in op een Europese CO2-belasting voor bedrijven: de vervuiler betaalt. Ook wil de partij nationale energienetwerken in Europa aan elkaar koppelen voor een efficiëntere verdeling van duurzame energie. Zo moeten overschotten van groene energie in het ene land beschikbaar worden gemaakt voor het andere land. De ambitie om te vergroenen zou wat Volt betreft hoger mogen liggen: Europa in 2040 klimaatneutraal. De EU-landen hebben in de Green Deal, het Europese plan om klimaatverandering aan te pakken, afgesproken dat dit pas in 2050 hoeft.

Niet alleen is meer Europese samenwerking Volts antwoord op de problemen van vandaag, ook zou Nederland succesvol nationaal beleid van andere Europese landen kunnen overnemen. De partij voelt voor een onderwijshervorming naar Fins model, met aandacht voor persoonlijke en sociale ontwikkeling en met minder toetsen. En om meer democratische inspraak te creëren pleit Volt voor meer burgerfora, naar Iers voorbeeld.

Kernenergie

Volgens Dassen moet je het partijprogramma niet lezen als een liefdesverklaring aan de Europese Unie: er valt nog een hoop te verbeteren. Zo moet er een einde komen aan het vetorecht in de Europese raad om de slagkracht te vergroten. “Want zolang een klein land als Cyprus sancties tegen Wit-Rusland kan blokkeren komt Europa niet verder.”

Ondanks het Europese basisprogramma is er enige ruimte voor verschillen tussen de nationale takken. Zo is Volt Nederland voorstander van kernenergie in de strijd tegen klimaatverandering. Volt Duitsland is dan weer tegen. Het pleidooi voor kernenergie valt op in het programma van Volt. De partij wordt vaak vergeleken met D66 en GroenLinks, twee partijen die terughoudender zijn als het gaat om kernenergie. GroenLinks is zelfs een uitgesproken tegenstander. Hoewel Volt zichzelf niet als fan beschouwt van kernenergie, vindt de partij de nood zo hoog in de strijd tegen klimaatverandering dat de mogelijkheden verder onderzocht dienen te worden. Daarmee zet Volt zichzelf ook als pragmatische partij in de markt.

Het imago van jongerenpartij vertaalt zich in de roep om de overheid beter toe te rusten op digitalisering, om online privacy te waarborgen, en de macht van grote tech-bedrijven te beperken. Daar wordt overigens in het Europees Parlement al aan gewerkt.  De partij pleit in Nederland voor een ministerie van Digitale Zaken. Ook stelt Volt voor dat de overheid open source software gebruikt. Dit zou burgers en journalisten de mogelijkheid geven om te mee te kijken in de systemen van de overheid.  

Opmars

Hoewel de uitslag bij de Europese verkiezingen in 2019 hoopgevend was, bleef het hierna lange tijd stil in Nederland rondom Volt. Eind vorig jaar waren er maar weinig aanwijzingen dat Volt een rol van betekenis zou kunnen spelen bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2021. Maar dan duikt de partij ineens op in de peilingen. Volt zou wel eens met drie zetels de Kamer in kunnen komen. De opmars lijkt vrijwel uit het niets te komen.

Voor de partijtop zelf komt het niet helemaal als een verassing. “Succes kent een lange aanloop”, zegt Gündoğan tegen Brusselse Nieuwe. ‘’De voorbereidingen lopen natuurlijk al lang. We zijn dan ook niet helemaal verrast. Nu is het hopen op het beste.” Lijsttrekker Dassen wijst terug naar de Europese verkiezingen in 2019. “Toen hadden we genoeg stemmen om drie zetels te halen bij de Tweede Kamerverkiezingen. Maar het blijft afwachten tot de 17e. Tot die tijd vertellen we ons verhaal en hopen we dat het aanslaat.”

De opmars van Volt is des te opmerkelijker omdat Europa als onderwerp vrijwel volledig ontbreekt in het politieke debat van de andere partijen in aanloop naar de verkiezingen. Europese samenwerking is zelden een aantrekkelijk onderwerp voor politici om kiezers mee te winnen. Als Europa al ter sprake wordt gebracht, komt de roep eerder van de kant waar om een Nexit wordt geroepen, die van het FVD en de PVV. Tel daarbij op dat Nederlanders vooral druk bezig zijn met corona. Met een debat over Europa lijkt niet veel te winnen voor de gevestigde partijen, zeker niet met een uitgesproken Europees geluid.

Maar laten die partijen daar niet juist iets liggen? Op 9 maart verscheen de nieuwe Eurobarometer over de toekomst van Europa. Hieruit bleek dat 49 procent van de Nederlanders positief staat tegenover de Europese Unie, in tegenstelling tot 36 procent vorig jaar, en maar 13 procent negatief.

“Het pro-Europese geluid bevalt me”, zegt Yonathan (32), die zich heeft aangesloten bij de schoonmaakactie. “Dat vind ik bij Volt meer dan bij de linkse partijen waar ik normaal op stem.” De aanhang kent bovendien een Europees saamhorigheidsgevoel. “Als Volt ergens in een Italiaanse gemeenteraad zetels wint, dan voelt het nog steeds als onze winst”, vertelt een van de andere aanwezigen.

Sociale media

Met het Europese geluid weet de partij dus de juiste snaar te raken bij de achterban, voornamelijk hoogopgeleide jongeren. Dat Volt zich op een jong publiek richt blijkt ook uit de sociale media campagne van de partij. 75 procent van de Facebook-advertenties werd getoond aan gebruikers onder de 35 jaar, zo becijferde Follow the Money. De 65-plussers op Facebook liet Volt links liggen.

Ook in de traditionele media groeit de aandacht voor de partij. Dassen en Gündoğan schuiven aan bij de talkshowtafels en journalisten lijken sympathie te hebben voor Volt. Daarbij kunnen ze ook rekenen op een aantal bekende Nederlanders als ambassadeur. Sander Schimmelpenninck, Rob Wijnberg, Geert Mak, dominee Gremdaat en oud-VVD Kamerlid Arend Jan Boekestijn spraken allemaal hun liefde uit voor Volt. Arjen Lubach maakte wat sluikreclame door te zeggen dat we “mogen stemmen op een partij waar je je goed bij Volt…eh..voelt”.

Het succes van Volt in Nederland is ook in andere Europese landen niet onopgemerkt gebleven. “De Belgische krant De Morgen schreef al over ons, en ook het Spaanse nationale persbureau EFE deed verslag” vertelt Dassen. “Zo groeit de aandacht voor de beweging ook daar”.

Gulle giften
Een campagne kost natuurlijk geld. Voor de financiering kan Volt rekenen op aardig wat donaties. Het ministerie van Binnenlandse Zaken bracht vorige week het overzicht van giften van meer dan 4.500 euro aan de politieke partijen naar buiten. Opvallend is dat de donaties aan Volt laat op stoom zijn gekomen. In de eerste twee maanden van 2021 ontving de partij 75.500 euro, tegenover 35.000 euro in heel 2020. Voor een politieke nieuwkomer zijn dat riante bedragen. Partijen als NIDA, de Piratenpartij, Splinter en NLBeter moeten het zonder gulle gevers stellen.

Critici wijzen er op  dat Volt kan leunen op een netwerk van jonge mensen uit rijke families. Reinier van Lanschot, nu co-president van Volt Europa, komt uit het bankiersgeslacht Van Lanschot. Europarlementariër Boeselager stamt uit een adellijke familie. De partij krijgt bovendien steun van een aantal vermogende tech-ondernemers. De vraag rijst dan ook of Volt niet vooral een elite-partij is. Een ander kritiekpunt is dat op sommige terreinen uitgewerkte standpunten (nog) ontbreken. Zo heeft Volt bijvoorbeeld nog geen duidelijke plannen voor het pensioenstelsel.

Voorzichtig kijkt de partij vooruit naar de Tweede Kamer. En wat als Rutte straks aan het formeren is en nog drie zetels te kort komt voor een meerderheid? Kan hij dan aankloppen bij Volt? “In principe niet” antwoord Gündoğan. “Al is dat niet helemaal in beton gegoten”. “Het gaat ons om verandering op de lange termijn. Dat kan ook vanuit de Kamer,” voegt Dassen toe.

Al met al lijkt de campagne een succes. Typerend is dat Volt in korte tijd weliswaar veel naamsbekendheid heeft gekregen, maar de lijsttrekker nog steeds een grote onbekende is voor het publiek. “Word je nu al herkend in de supermarkt, Laurens?” vraagt Gündoğan aan de lijsttrekker van Volt. Hij schudt het hoofd. Gündoğan en de andere campaigners lachen. De Volt-stemmer kiest voor een politiek idee, en niet voor een politicus.


De geboorte van Volt

Een Italiaan, een Française en een Duitser steken de koppen bijeen. Het is de dag na het Brexitreferendum. Europa siddert na van de schok die over het continent is gegaan. Andrea Venzon, Colombe Cahen-Salvador en Damian Boeselager vragen zich af hoe het zover heeft komen. De EU is te weinig democratisch vindt het drietal. De oplossing zou wel eens kunnen liggen in een Europese partij, denken de oprichters. Volt wordt geboren. Vijf jaar later staat de partij op het punt van doorbreken in het Nederlandse parlement. Hoe leidt een idee van een Italiaan, een Française en een Duitser tot een plek in de Nederlandse Tweede Kamer?

Volt krijgt al snel voet aan de grond in verschillende Europese landen. In 2019 doet de partij in meerdere landen mee aan de verkiezingen voor het Europees Parlement. Vanuit Duitsland wordt er één zetel bemachtigd. Mede-oprichter Boeselager wordt de eerste Europarlementariër voor de partij. In Nederland weet Volt met Reinier van Lanschot als lijsttrekker bijna 2 procent van de stemmen binnen te halen. Door de hoge kiesdrempel bij de Europese verkiezingen was dit niet genoeg voor zetel, maar het percentage was hoopgevend voor de toekomst van de partij.

In verschillende landen doet Volt mee met lokale verkiezingen, met wisselend succes. Op dit moment is Volt vertegenwoordigd in 20 gemeenteraden in Duitsland, Italië en Bulgarije. De beweging is in 29 landen actief.