Column: De EU-olifant in de echokamer

Door Chris Aalberts

Het is leuk bedacht: de EU-olifant. Het Twitter-fenomeen wilde het grote publiek duidelijk maken dat de EU onvoldoende in de verkiezingscampagne aan bod kwam. De tijd van ‘Europa best belangrijk’ is voorbij, tegenwoordig is de EU overal. Nederlandse lijsttrekkers houden er in de regel echter hun mond over, media besteden er weinig aandacht aan en het onderwerp is in verkiezingsdebatten zo goed als afwezig. Het initiatief is compleet mislukt, zoals de initiatiefnemers inmiddels zelf lijken te erkennen. Dat kan ook niet anders: alleen in de echokamer van hoogopgeleiden is de EU een potentieel verkiezingsthema.

Laten we eens kijken naar de initiatiefnemers van de EU-olifant. Dat zijn Arend Jan Boekestijn, Joshua Livestro, Jan Schoonis, Mathieu Segers en Catherine de Vries. Eens zien: Boekestijn maakt een podcast over de EU, Livestro voerde al eens campagne voor het Oekraïne-verdrag, Schoonis heeft de Franse tak van D66 opgericht, Segers is hoogleraar Europese geschiedenis en ook De Vries is hoogleraar en bestudeert de Europese politiek. In NRC schrijven zij over de noodzaak van meer aandacht voor de EU. Eigenlijk schrijven zij: wij vinden onze eigen bezigheden ontzettend belangrijk.

De initiatiefnemers zijn iets vergeten: de gemiddelde pottenbakker vindt zijn activiteiten óók superbelangrijk.

Deze simpele constatering is voor velen in de eurofiele kerk een reden om binnensmonds te vloeken en te stoppen met lezen. Maar dat maakt de constatering niet minder waar. Iedereen heeft zo zijn bezigheden: een betaalde baan, een consultancy-praktijk, een politieke carrière, een berg publicaties of gewoon een hobby. De lobby om meer aandacht aan de EU te besteden is heel goed te vergelijken met wat een pottenbakker doet: het is een persoonlijke voorkeur en een al dan niet rendabele dagbesteding. Je wijkt ermee af van anderen: die vinden pottenbakken soms stom en daardoor voelt de pottenbakker zich weer niet serieus genomen.

Kijk naar wat de initiatiefnemers van de EU-olifant zelf schrijven. De EU houdt zich met steeds meer beleidsterreinen bezig en de Haagse politiek moet binnen die Europese lijntjes blijven. Zo zien we door corona dat bijvoorbeeld gezondheidszorg niet meer nationaal is. Dat geldt ook voor buitenlandse zaken, waar ‘alle wezenlijke besluiten’ op EU-niveau worden genomen. Defensie wordt ook alleen maar Europeser en we hebben ook nog een debat over de euro. De nationale verkiezingen moeten daarom niet alleen gaan over wie ons in Brussel gaan vertegenwoordigen, maar ook over wat daar hun missie zou moeten zijn.

Het is moeilijk het oneens te zijn met dit soort analyses. Beleid wordt langzaam Europeser en het debat blijft daarbij achter. Zo ontstaat inderdaad een rare illusie, alsof Nederland zelf over zaken als migratie of vaccinatiepaspoorten gaat, terwijl de hoofdlijnen van het beleid in Brussel worden vastgesteld. Het probleem van dit soort redeneringen is dan ook niet de inhoud of de aansluiting bij de bestuurlijke praktijk, maar de aansluiting bij de belevingswereld van gewone burgers, met name de mensen die niet tot hoogopgeleide, kosmopolitische, eurofiele en/of politiek betrokken kringen behoren.

Dat is een ruime meerderheid van de bevolking. Laten we als voorbeeld migratie nemen. Ik begrijp best veel van de EU, maar dit beleid kan ik niet echt uitleggen. De uitleg gaat zo: je hebt open grenzen, dus als migranten vanuit Afrika op Sicilië aankomen kunnen ze doorreizen naar Nederland. We willen dat ze in Italië asiel aanvragen – ‘Dublin’ – maar dat doen de asielzoekers soms niet en dan moeten we ze terugsturen, wat niet lukt en als het lukt kunnen ze binnen no time weer de trein richting het Noorden nemen. Zo blijven we aan de gang. Chaos dus.

Hoogopgeleide, kosmopolitische elites denken bij het bovenstaande dat ik het beleid prima kan uitleggen. Je kunt nu het lijntje doortrekken waarom het migratiebeleid hoognodig geharmoniseerd moet worden. Toch klopt er iets niet: deze schets geeft de reële beleidsopties helemaal niet weer. Daarvoor moet je eerst een basiscursus multi-level governance volgen, waarna je je kunt verdiepen in de bevoegdheden van de verschillende Europese en nationale actoren om te zien wie welke keuzes kan maken en wat iemand als Sigrid Kaag bij migratie in Nederland kan regelen en uit welke opties ze in Brussel kan kiezen.

De meeste mensen lezen geen partijprogramma’s, kennen deze detaildiscussies niet en zien dit niet als reële keuzes. Dat geldt voor ruim 99% van de Nederlandse bevolking. Het geldt zelfs voor het merendeel van de mensen die meer EU bepleiten, veto’s willen afschaffen of klagen dat de aandacht voor de EU te minimaal is. Het geldt ook voor de leden van politieke partijen die in hun vrije tijd meepraten over de inhoud van de partijprogramma’s. De daadwerkelijke keuzes die in de EU gemaakt worden, gaan aan vrijwel iedereen voorbij, met uitzondering van een klein clubje, zoals de initiatiefnemers van de EU-olifant.

De inbreng van partijen tijdens de verkiezingen over de Haagse politiek komt overeen met wat ze van Brussel zouden willen. Er ligt dan één keuze voor: de middenpartijen willen door op het huidige pad en dat betekent meer EU, of men wil vanuit de flanken geen EU-bemoeienis en dan gaat het al snel over een Nexit of minimaal grenscontroles. Al met al een realistische keus die iedereen kan behappen en waar iedereen een mening over heeft, wat niet geldt voor de opties in het Brusselse onderhandelingscircuit over de aanpassingen van “de verordening van Dublin” of de exacte vluchtelingenverdeelsleutel over Europese landen.

De vraag is hoeveel EU het grote publiek kan verdragen. Het antwoord is opmerkelijk simpel: precies zoveel aandacht als er op dit moment al aan wordt gegeven. Een gedetailleerd debat over EU-regels gaat er niet komen en de enige vraag die daarmee op tafel ligt is of je meer EU-beleid wilt of niet. Dat is precies het debat wat op dit moment al wordt gevoerd. Daar verandert de EU-olifant niets aan.